ECLI:NL:RBGEL:2024:3128

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
24 mei 2024
Publicatiedatum
24 mei 2024
Zaaknummer
C/05/435936 KG RK 24-413
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot wraking van alle rechters rechtbank Gelderland afgewezen wegens gebrek aan feitelijke grondslag

Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen alle rechters van de rechtbank Gelderland, locaties Arnhem en Zutphen, inclusief de wrakingskamer, wegens vermeende vooringenomenheid en belangenverstrengeling.

De wrakingskamer beoordeelde dat een rechter alleen gewraakt kan worden bij objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid, waarvoor concrete feiten noodzakelijk zijn. Het verzoek bevatte geen specifieke omstandigheden die deze vrees rechtvaardigen en was niet gericht op de rechter die de zaak behandelt.

Daarom werd het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard en vond geen mondelinge behandeling plaats. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Wrakingsverzoek tegen alle rechters rechtbank Gelderland wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan concrete feiten.

Uitspraak

beslissing
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Zutphen
Wrakingskamer
zaaknummer: C/05/435936 / KG RK 24-413
Beslissing van 24 mei 2024
van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoekster] ,
wonende te [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoekster,
strekkende tot de wraking van
alle rechters in deze rechtbank.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit het e-mailbericht van verzoekster van 10 mei 2024.

2.Het wrakingsverzoek

2.1.
Het verzoek strekt tot wraking van alle rechters in de rechtbank Gelderland, locaties Arnhem en Zutphen, inclusief de wrakingskamer. Bij haar verzoek heeft verzoekster het zaaknummer C/05/424046 FZ RK 23-2593 vermeld.
2.2.
Verzoekster heeft in haar verzoek, onder meer, het volgende opgenomen:
Ik wraak elke rechter bij rechtbank Zutphen én Arnhem inclusief de wrakingskamer op niet onpartijdig zijn, zichtbaar al eeuwen te lang.
Vooringenomen zaken starten omdat een kind van God leeft.
Vooringenomen de raad van kindermishandeling privacy digitale systemen
laten hacken, grenzen trachten over scheiden wat niet hoort.
Jeugdbeschadigingszorg inzetten wat geen middelen schreeuwt te hebben,
kansloze onprofessionele.
Trachten in te mengen in te goede family life zonder onderbouwing.
Advocaten van de duivel inzetten die gezinnen kennen "allemaal in dezelfde
orde".
Belangenverstrengeling creëren.
Kindermishandeling en afbreuk levens organiseren enz
(...)
Daarom legt u allen u werk neer, er zal geen leugenoordeel meer komen in geschrifte of via u tong.
Herenigd u kinderen per direct met hun ouders.
(...)
Een valse beschikking, net als alle beschikkingen.
(...)

3.De beoordeling

3.1.
Een rechter kan alleen gewraakt worden als zich omstandigheden voordoen waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarvan is sprake als de rechter jegens een procesdeelnemer vooringenomen is of als de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Daarbij is het uitgangspunt dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn omdat hij als rechter is aangesteld. Voor het oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid toch schade lijdt, bestaat alleen grond in geval van bijzondere omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het aannemen van (de objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid. Uit de wet volgt dat de verzoekster die concrete omstandigheden moet aanvoeren en wel zodra deze aan hem bekend zijn geworden.
3.2.
Uit het verzoek blijkt allereerst niet dat dit betrekking heeft op de rechter die met de behandeling van de genoemde zaak belast is. Het enkele noemen van het zaaknummer en het richten van het wrakingsverzoek aan alle rechters in de rechtbank is daartoe onvoldoende. Reeds om die reden kan verzoeker niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen. Daarnaast zijn aan het verzoek tot wraking geen concrete feiten of omstandigheden ten grondslag gelegd. Uit de onder 2.2. genoemde citaten blijkt naar het oordeel van de wrakingskamer niet van concrete feiten waaruit zij de vooringenomenheid van één (of alle) rechter(s), of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor, kan afleiden. Het wrakingsverzoek voldoet daarmee niet aan de wettelijke voorschriften en ook om die reden is verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek.
3.3.
Voor een behandeling van het verzoek ter terechtzitting bestaat geen reden. Het in de wet opgenomen recht op een mondelinge behandeling is door de wetgever bedoeld voor het debat over de gegrondheid van het verzoek, maar aan dat debat wordt gezien het vorenstaande niet toegekomen.

4.De beslissing

De wrakingskamer van de rechtbank verklaart verzoekster kennelijk niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking.
Deze beslissing is gegeven door mr. M.J.C. van Leeuwen, voorzitter, mr. M.J.H. Schuurman en mr. E.H.T. Rademaker, leden in tegenwoordigheid van de griffier mr. [griffier] en in openbaar uitgesproken op 24 mei 2024.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.