ECLI:NL:RBGEL:2024:3369
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Bonder
- M.A. van Leeuwen
- S. Jansen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontnemingsvordering na integrale vrijspraak verdachte
De officier van justitie vorderde dat de rechtbank het wederrechtelijk verkregen voordeel vaststelt en dat verdachte dit bedrag aan de Staat moet betalen, geschat op €77.679,00.
Tijdens de openbare terechtzitting heeft de officier van justitie de vordering gehandhaafd, terwijl de verdediging stelde dat de vordering moest worden afgewezen vanwege de integrale vrijspraak van verdachte in de hoofdzaak.
De rechtbank oordeelde dat omdat verdachte vrijgesproken is van de feiten waarop de ontnemingsvordering is gebaseerd, de vordering niet kan worden toegewezen. De rechtbank wijst de vordering daarom af en baseert haar beslissing op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: De ontnemingsvordering wordt afgewezen omdat verdachte integraal is vrijgesproken.