ECLI:NL:RBGEL:2024:3392

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
4 juni 2024
Publicatiedatum
4 juni 2024
Zaaknummer
C/05/432820 / FA RK 24-785
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:253n BWArt. 1:251a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging gezamenlijk ouderlijk gezag wegens persoonlijke problematiek vader

De moeder verzoekt de rechtbank het gezamenlijk gezag over haar drie minderjarige kinderen te beëindigen en het gezag toe te wijzen aan haar alleen, vanwege de psychische problematiek van de vader die leidt tot wisselende en onvoorspelbare beschikbaarheid.

Tijdens de mondelinge behandeling was de vader afwezig, terwijl de moeder en een vertegenwoordiger van de Raad voor de Kinderbescherming hun standpunten toelichtten. De Raad adviseerde het gezag aan de moeder toe te wijzen, omdat de vader door zijn problematiek onvoldoende in staat is het gezag uit te oefenen, wat een onaanvaardbaar risico vormt dat de kinderen klem raken tussen de ouders.

De rechtbank stelt vast dat de moeder voldoende heeft aangetoond dat de omstandigheden zijn gewijzigd en dat de vader niet in staat is zijn gezag op een wijze uit te oefenen die in het belang van de kinderen is. De rechtbank volgt het advies van de Raad en wijst het verzoek toe. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het gezag wordt aan de moeder toegekend.

Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en het gezag over de kinderen wordt aan de moeder toegekend vanwege de problematiek van de vader.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK GELDERLAND
Familie- en jeugdrecht
Zittingsplaats Arnhem
Zaakgegevens: C/05/432820 / FA RK 24-785
Datum uitspraak: 4 juni 2024
Beschikking gezag
in de zaak van
[naam verzoekster]
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
hierna: de moeder,
advocaat mr. S.S. Zijderveld te Wageningen,
tegen
[naam verweerder]
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
hierna: de vader.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:
- het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen bij de griffie op 29 februari 2024.
1.2.
Tijdens de mondelinge behandeling van 13 mei 2024 gehoord:
- de moeder, bijgestaan door mr. S.S. Zijderveld;
- een vertegenwoordigster van de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad).
1.3.
Hoewel daartoe correct opgeroepen is de vader niet verschenen in de procedure.

2.De feiten

2.1.
Uit de voormalige relatie van partijen zijn geboren:
  • [de minderjarige 1] , op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , hierna: [de minderjarige 1] ,
  • [de minderjarige 2] , [geboortedatum] te [geboorteplaats] , hierna: [de minderjarige 2] ,
  • [de minderjarige 3] , [geboortedatum] te [geboorteplaats] , hierna [de minderjarige 3] .
2.2.
De ouders oefenen gezamenlijk het gezag over de kinderen uit, zo blijkt uit de aantekeningen in het Centraal gezagsregister van 28 juni 2020 en 25 oktober 2021.
2.3.
[de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] wonen bij de moeder.

3.Het verzoek en het verweer

3.1.
De moeder verzoekt - voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad - het gezamenlijk gezag van de ouders over de kinderen van partijen te beëindigen en te bepalen dat het gezag over de kinderen voortaan alleen wordt uitgeoefend door de moeder. De moeder heeft toegelicht dat zij op zich goed contact heeft met de vader en dat zij regelmatig met de kinderen naar de vader toegaat. Wel komt het voor dat de vader perioden niet bereikbaar is voor de moeder omdat hij psychische problemen heeft. Haar advocaat heeft aangevuld dat de kinderen hierdoor klem tussen de ouders raken omdat er dan geen gezagsbeslissingen genomen kunnen worden. Het is onmacht van de vader, geen onwil.
De rechtbank stelt vast dat de vader geen verweer voert.

4.Het standpunt van de Raad

De Raad adviseert het gezag alleen aan de moeder toe te wijzen. De vader heeft persoonlijke problematiek waardoor hij wisselend en onvoorspelbaar beschikbaar is geweest. De kinderen zijn afhankelijk van de vader als er besluiten moeten worden genomen. De moeder moet in staat zijn voortvarend beslissingen in het belang van de kinderen te kunnen nemen. Zij is veel betrokken bij de vader. Het scheelt haar energie als zij zelfstandig kan beslissen zonder daar zorgen over te hebben. Daardoor vermindert de belasting van de moeder en dat straalt af op de kinderen.

5.De beoordeling

Conclusie
5.1.
De rechtbank bepaalt dat de moeder voortaan alleen het ouderlijk gezag over de kinderen uitvoert. Hierna legt de rechtbank deze beslissing uit.
Wettelijk kader
5.2.
De rechtbank kan op verzoek van een van de ouders het gezamenlijk gezag beëindigen, als de omstandigheden zijn gewijzigd (artikel 1:253n Burgerlijk Wetboek (BW)). In dat geval bepaalt de rechtbank aan wie van de ouders voortaan het gezag over de kinderen toekomt. Artikel 1:251a leden 1 en 3 BW zijn van overeenkomstige toepassing.
De rechter kan het verzoek tot beëindiging van het gezamenlijk gezag op grond van artikel 1:251a BW toewijzen als er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem of verloren raakt tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering komt, of als wijziging van het gezag om andere redenen in het belang van het kind noodzakelijk is.
Overwegingen
5.3.
De moeder heeft voldoende aangetoond dat er sprake is van gewijzigde omstandigheden die een herbeoordeling van het ouderlijk gezag rechtvaardigt. Door zijn eigen problematiek is de vader al langere tijd onvoldoende en wisselend bereikbaar voor de moeder.
5.4.
De rechtbank heeft geen reden te twijfelen aan hetgeen de moeder naar voren heeft gebracht. Naar het oordeel van de rechtbank staat voldoende vast dat de vader door zijn persoonlijke problemen momenteel niet in staat is zijn ouderlijk gezag in te vullen op een manier die in het belang van de kinderen is. Daardoor ontstaat een onaanvaardbaar risico dat de kinderen klem of verloren raken tussen de ouders en de rechtbank verwacht niet dat deze situatie binnen afzienbare termijn verbetert. Daarom volgt de rechtbank het advies van de Raad en wijst het verzoek van de moeder toe.
5.5.
De rechtbank is onder de indruk van de betrokkenheid van de moeder bij de vader. Ondanks zijn forse problemen denkt zij in mogelijkheden. De moeder heeft naar eigen zeggen goed contact met hem en de vader ziet de kinderen regelmatig. De rechtbank vindt dat een compliment waard. De rechtbank verwacht dat de gezagswijziging voor beide ouders rust geeft omdat hun onderlinge contact zich beperkt tot de omgang tussen de vader en de kinderen. Dat haalt stress weg bij de moeder en naar verwachting ook bij de vader omdat er geen druk meer op hem ligt om beslissingen te nemen waartoe hij door zijn problemen niet in staat is. Daarnaast heeft de rechtbank er alle vertrouwen in dat de moeder de vader blijft informeren over belangrijke beslissingen rond de kinderen.

6.De beslissing

De rechtbank
6.1.
beëindigt het gezamenlijk gezag van de ouders en bepaalt dat het gezag over de kinderen:
  • [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ;
  • [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ;
  • [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] .
wordt uitgeoefend door de moeder;
6.2.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.S.W. Lucassen, (kinder)rechter, in tegenwoordigheid van mr. M.M. Verschuren als griffier en in het openbaar uitgesproken op 4 juni 2024.
Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.