Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
Kamerstukken II, 2018-2019, 35 086, nr. 3, p. 11-12).
3.De bewezenverklaring
of omstreeks8 mei 2021 te Ede in de gemeente Ede, als bestuurder van een voertuig (personenauto, merk [merk 1] ), komende uit de richting van [naam 1] , gaande in de richting van de kruising van de wegen de Rijksweg N224 en de Laarwoud, daarmee rijdende op de Rijksweg N224, terwijl hij een ander voertuig (personenauto, merk [merk 2] ) achtervolgde
/ofachterna reed,
(aanzienlijk
)hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was,
en/ofnamelijk
(aanzienlijk
)hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 50 kilometer per uur,
in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was,namelijk met een snelheid van
ongeveer (tenminste
)106 kilometer per uur en
/of
) (vlak
)voor dat andere voertuig (personenauto, merk [merk 2] ) is gaan rijden, en
/of (vervolgens
)zonder noodzaak
en/of reden in het verkeer,
(plotseling
en/ofsterk
)heeft geremd
en/of anderszins snelheid heeft geminderd, ten gevolge waarvan de bestuurder van het achter hem rijdende voertuig eveneens
(hard
)moest remmen
en/of uitwijken, teneinde een aanrijding met de personenauto van hem, verdachte, te voorkomen, en
/of
/of (vervolgens
) (langzaam)naar links heeft gestuurd, ten gevolge waarvan de bestuurder van dat andere voertuig (personenauto, [merk 2] ), naar links, richting de berm, moest uitwijken, teneinde een aanrijding met de personenauto van hem, verdachte, te voorkomen, en
/of
(aanzienlijk
)hogere snelheid dan de ter plaatse voor dat voertuig toegestane maximumsnelheid van 50 kilometer per uur,
in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden was,namelijk met een snelheid van ongeveer
(tenminste
)132 kilometer per uur en
/of
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
8.De beoordeling van de civiele vorderingen
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
taakstraf van 160 (honderdzestig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 80 (tachtig) dagen;
taakstraf, te weten
60 (zestig) uren, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van de volgende voorwaarden voor het einde van de
proeftijddie op
twee jarenwordt bepaald;
ontzegtverdachte ten aanzien van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
1 (één) jaar;
- bepaalt dat deze straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van de volgende voorwaarden voor het einde van de
- stelt als algemene voorwaarde bij de taakstraf dat verdachte zich niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit;
- stelt als bijzondere voorwaarden bij de taakstraf:
meldplicht bij reclassering
ambulante behandeling
- veroordeelde zijn medewerking zal verlenen aan het ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit afnemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;
- veroordeelde zijn medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht. De medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang de reclassering dit noodzakelijk acht zijn daaronder begrepen;
- veroordeelt verdachte in verband met het feit tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partijen [benadeelde 2] en [benadeelde 1] van de volgende bedragen aan materiële schade/immateriële schade, telkens vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de genoemde datum tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partijen hebben gemaakt en de kosten die de benadeelde partijen mogelijk nog moeten maken om de te noemen bedragen betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;