Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
[bedrijf gedaagde] ,
1.De procedure
- de dagvaarding;
- het tegen gedaagde verleende verstek.
2.De beoordeling
786,00(1,0 punt × tarief € 786,00)
Rechtbank Gelderland
In deze civiele procedure bij de Rechtbank Gelderland vorderden eisers betaling van een geldbedrag vermeerderd met wettelijke rente, alsmede vergoeding van kosten. Gedaagde was niet verschenen, waardoor verstek werd verleend.
De rechtbank oordeelde dat de primaire vordering tot wettelijke rente vanaf 9 september 2023 onvoldoende was onderbouwd en daarom werd afgewezen. De subsidiaire vordering tot wettelijke rente vanaf 27 november 2023, de datum waarop eisers hun vordering tot nakoming schriftelijk omzetten in een vordering tot vervangende schadevergoeding, werd wel toegewezen.
Daarnaast veroordeelde de rechtbank gedaagde tot betaling van de hoofdsom van €32.390,21, de kosten van een expertise, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. De wettelijke rente over de toegewezen bedragen wordt vanaf de relevante data tot volledige betaling vergoed. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde is afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €32.390,21 met wettelijke rente vanaf 27 november 2023 en vergoedingen van kosten; primair gevorderde wettelijke rente vanaf 9 september 2023 wordt afgewezen.