ECLI:NL:RBGEL:2024:499
Rechtbank Gelderland
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor oproeping in vrijwaring in civiel geschil over planologische mededelingen
In deze civiele procedure bij de rechtbank Gelderland vordert gedaagde toestemming om een derde partij, [bedrijf 1], in vrijwaring op te roepen. Gedaagde stelt dat eventuele onjuiste mededelingen over de planologische mogelijkheden van het gehuurde door [bedrijf 1] zijn gedaan, zonder dat gedaagde zelf contact had met eiser.
Eisers betwisten de voorwaardelijkheid van de vordering tot vrijwaring en stellen dat de vordering niet voor alle weren is ingesteld. De kantonrechter oordeelt echter dat de vordering in vrijwaring wel degelijk voor alle weren is ingesteld en dat het voorwaardelijke karakter ziet op het geval dat de hoofdvordering tegen gedaagde slaagt, waarna een regresvordering op [bedrijf 1] ontstaat.
De kantonrechter wijst de vordering toe, geeft gedaagde toestemming om [bedrijf 1] te dagvaarden voor de rolzitting van 16 februari 2024, en veroordeelt eiser in de proceskosten van het incident. De gevorderde wettelijke handelsrente over de proceskosten wordt afgewezen, maar de wettelijke rente op grond van art. 6:119 BW Pro wordt toegewezen vanaf veertien dagen na betekening van het vonnis.
De beslissing wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: Verzoek tot oproeping in vrijwaring toegewezen en eiser veroordeeld in proceskosten van het incident.