Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
[verzoeker] ,
Feiten
Procedure
Verzoek
- € 489,14 ter zake kosten rechtsbijstand;
- PM de forfaitaire vergoeding voor het indienen/behandelen van het
Rechtbank Gelderland
De officier van justitie heeft op 20 februari 2024 een sepotbeslissing genomen die onherroepelijk is geworden. Verzoeker diende op 23 mei 2024 een verzoek tot schadevergoeding in, wat buiten de wettelijke termijn van drie maanden viel.
De advocaat van verzoeker stelde dat verzoeker pas op 1 maart 2024 op de hoogte was gesteld van de sepotbeslissing, waardoor de termijn later zou zijn ingegaan. De rechtbank oordeelde echter dat de brief naar het juiste adres was gestuurd en dat er geen gegronde reden was om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
Daarom werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open binnen een maand na betekening.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de drie maanden termijn voor het indienen van het verzoek tot schadevergoeding.