Uitspraak
[eiser]
Rechtbank Gelderland
De verhuurder vordert betaling van een huurachterstand van €1.975,77 over de maanden september tot en met december 2023, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten. De huurder betwist de vordering en stelt dat hij de huur reeds heeft voldaan, hetgeen hij onderbouwt met bankafschriften.
De verhuurder heeft in repliek een hogere huurachterstand van €2.571,66 gesteld, waaronder achterstanden over meerdere jaren. Echter ontbreekt een duidelijke onderbouwing van deze bedragen en is onduidelijk waarop deze zijn gebaseerd. Daarnaast heeft de verhuurder geen inzicht gegeven in de afboekingsvolgorde van de betalingen, zoals vereist volgens artikel 6:43 BW Pro.
De rechtbank oordeelt dat door het ontbreken van een duidelijke afboekingsvolgorde en onderbouwing de juistheid van de huurachterstand niet is komen vast te staan. Hierdoor wordt de hoofdsom afgewezen, evenals de rente en kosten die daarmee samenhangen. De verhuurder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van huurachterstand, rente en kosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing door verhuurder.