Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 15 augustus 2024.
Rechtbank Gelderland
De Belastingdienst vordert een verhoging van de dwangsom tegen gedaagde, omdat deze niet heeft voldaan aan een eerder vonnis waarin hij was veroordeeld tot het verstrekken van gegevens over buitenlands vermogen en het indienen van belastingaangiften over de jaren 2012 tot en met 2022. De eerdere dwangsom van maximaal € 100.000,- bleek onvoldoende prikkel voor nakoming.
Gedaagde is niet verschenen en verstek is verleend. De rechtbank constateert dat de maximale dwangsom is bereikt en dat gedaagde geen contact meer heeft gezocht met de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft executiemaatregelen getroffen en een bedrag van ruim € 102.000,- geïnd.
De rechtbank oordeelt dat er voldoende grond is voor verhoging van de dwangsom. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van een dwangsom van € 100.000,- ineens en een dwangsom van € 10.000,- per dag bij niet-nakoming binnen twee weken, tot een maximum van € 300.000,-. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten en wettelijke rente.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot een verhoogde dwangsom van maximaal € 300.000,- wegens niet-nakoming van informatie- en aangifteplichten.