De zaak betreft een geschil over de afrekening van servicekosten voor onzelfstandige woonruimte die eiseres huurde van gedaagden. Eiseres vordert onder meer verklaringen voor recht over de hoogte van de voorschotten op servicekosten en betaling van een bedrag dat zij stelt onverschuldigd te hebben betaald.
De huurcommissie had eerder lagere servicekosten vastgesteld dan de door eiseres betaalde voorschotten, maar eiseres heeft onvoldoende inzicht gegeven in wat zij daadwerkelijk heeft betaald en waarvoor. De kantonrechter oordeelt dat er geen gezag van gewijsde is van eerdere uitspraken en dat eiseres geen belang heeft bij de verklaringen voor recht omdat zij geen huurder meer is.
De vordering tot terugbetaling van € 1.084,40 wordt afgewezen wegens gebrek aan voldoende onderbouwing van de betalingen. Ook de vorderingen tot wettelijke rente en incassokosten worden afgewezen. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten van € 510,00, met een waarschuwing om niet door te procederen zonder nadere onderbouwing.