Eisers, eigenaren van woningen aan een straat in een plaats, vorderen in kort geding dat de gemeente, Prowonen en een besloten vennootschap worden verboden om acht alleenstaande minderjarige statushouders in hun woningen te huisvesten. Eisers stellen dat dit in strijd is met het omgevingsplan en dat zij onvoldoende rechtsbescherming hebben.
De gemeente heeft het preventieve handhavingsverzoek van eisers afgewezen, waarna eisers een kort geding zijn gestart. De voorzieningenrechter oordeelt dat het kort geding fungeert als restrechter en dat de bestuursrechter met voldoende waarborgen een vergelijkbare rechtsbescherming biedt. Daarom zijn eisers niet-ontvankelijk in hun vordering tegen de gemeente.
De vorderingen jegens Prowonen en de besloten vennootschap worden afgewezen omdat eisers geen zelfstandige onrechtmatige daad hebben gesteld jegens deze partijen. Eisers worden veroordeeld in de proceskosten van alle gedaagden. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.