Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het verzoekschrift van 26 augustus 2024, met 8 bijlagen;
- de oproepbrieven van 11 september 2024;
- de brief van 17 september 2024 van mr. Penninks;
- de oproepbrieven van 20 september 2024;
- de e-mail van 20 september 2024 van de rechtbank;
- de e-mail van 23 september 2024 van mr. Van Mierlo;
- de e-mail van 23 september 2024 van de rechtbank;
- de e-mail van 24 september 2024 van mr. Penninks;
- de e-mail van 24 september 2024 van de rechtbank;
- de e-mail van 24 september 2024 van mr. Van Mierlo;
- de e-mail van 24 september 2024 van de rechtbank;
- de e-mail van 27 september 2024 van mr. Van Mierlo, met 4 producties;
- de mondelinge behandeling van 30 september 2024, waar zijn verschenen:
- namens verzoekster: de heer [naam 1] , creditmanager, bijgestaan door mr. Penninks en mr. Buurlage;
- namens verweerster: de heer [naam 2] (hierna: [naam 2] ), enig aandeelhouder/bestuurder, bijgestaan door mr. Van Mierlo voornoemd;
- de pleitaantekening van mr. Buurlage.
2.Het geschil
- het verlenen van verlof om de door verzoekster in vuistpand genomen en nog te nemen automobielen op afwijkende wijze te mogen verkopen als bedoeld in artikel 3:251 lid 1 BW Pro tot een opbrengst van haar vordering op verweerster van € 756.099,68, te vermeerderen met nog te boeken bedragen, renten en kosten;
- verweerster te veroordelen in de kosten van deze procedure;
- de beschikking uitvoerbaar bij voorraad op de minuut en op alle dagen en uren te verklaren.