ECLI:NL:RBGEL:2024:7772
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.A. van Hoof
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- J.A.M. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt dat beslissing tot aantekening in Wkkgz-register een besluit is
De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) stelde een onderzoek in naar het handelen van eiseres als verpleegkundige na meldingen over onnodige toediening van Fenobarbital aan een tweeling. Naar aanleiding van het onderzoek werd een rapport opgesteld met conclusies dat sprake was van een ernstige bedreiging voor de veiligheid van cliënten. Op grond hiervan werd besloten een aantekening in het register te plaatsen zoals bedoeld in artikel 8.28 van het Uitvoeringsbesluit Wkkgz.
Eiseres maakte bezwaar tegen de brief van 10 mei 2023 waarin dit werd meegedeeld, maar de minister verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit zou bevatten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank oordeelt echter dat de beslissing tot het maken van de aantekening wel een besluit is, omdat het een bestuursrechtelijke handeling betreft die gericht is op rechtsgevolg.
Hoewel de feitelijke aantekening in het register zelf geen besluit is, is de beslissing om tot die aantekening over te gaan dat wel. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt de minister op een inhoudelijke beslissing op bezwaar te nemen. Tevens wordt het griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoed.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit tot niet-ontvankelijkheid, waardoor bezwaar mogelijk is tegen de beslissing tot aantekening in het Wkkgz-register.