De rechtbank Gelderland heeft op 2 december 2024 uitspraak gedaan in een zaak waarin de officier van justitie vorderde dat het wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde wordt vastgesteld en ontnomen. Veroordeelde was eerder veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor medeplegen van meerdere feiten onder de Opiumwet en medeplegen van gijzeling.
De rechtbank baseerde haar beslissing op chatberichten tussen twee Sky-ID’s waarin financiële transacties en verdiensten werden besproken. Uit deze berichten leidde de rechtbank af dat veroordeelde een bedrag van €9.050,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel had genoten. Dit bedrag bestond uit een winst van circa €3.850,-, een bedrag van €3.200,- en een gezamenlijke verdienste van €2.000,-.
De rechtbank stelde het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €9.050,- en legde veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen. Tevens bepaalde zij de maximale duur van de gijzeling die de officier van justitie kan vorderen op 80 dagen. De beslissing is gebaseerd op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.