Uitspraak
1.[eiser sub 1] ,
2.
[eiser sub 2],
[bedrijf 1],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
alsmede [gedaagde] zal veroordelen in de proceskosten en de nakosten.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
In augustus 2021 sloten partijen een overeenkomst voor levering en plaatsing van een veranda tegen €6.944. Na oplevering in oktober 2021 ontstonden lekkages en kieren, ondanks herstelpogingen door de aannemer in 2022. Eisers stelden dat de veranda ondeugdelijk was en ontbonden de overeenkomst buitengerechtelijk in april 2023.
De rechtbank beoordeelde dat sprake was van een gemengde koop- en aannemingsovereenkomst. Uit bewijs, waaronder een filmopname van een lekkage na herstelwerkzaamheden, bleek dat de veranda een gebrek vertoonde. Ook erkende de aannemer dat de schuifpui kieren had door een scheve plaatsing, veroorzaakt door een ongeschikte ondergrond.
De aannemer had onvoldoende aangetoond dat hij de eisers had gewaarschuwd voor de ongeschikte ondergrond, waardoor hij aansprakelijk is voor de gebrekkige plaatsing. Desondanks oordeelde de rechtbank dat de gebreken niet ernstig genoeg waren om volledige ontbinding van de overeenkomst te rechtvaardigen, mede omdat herstel nog mogelijk is.
De vorderingen van eisers tot ontbinding en schadevergoeding werden daarom afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontbinding af omdat de gebreken niet zwaar genoeg zijn voor volledige ontbinding.