ECLI:NL:RBGEL:2024:8935
Rechtbank Gelderland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verificatie garantiepensioen in faillissement werkgever
Eiser vordert in een renvooiprocedure dat de rechtbank vaststelt dat hij een preferente vordering heeft op zijn failliete werkgever met betrekking tot een garantiepensioenregeling. De rechtbank heeft in een tussenvonnis vastgesteld dat de toezegging voor het vroegpensioen voorwaardelijk is en afhankelijk van volledige financiering, welke niet is voldaan.
De curator bracht de meest recente jaarrekening van de voormalige werkgever in het geding, waaruit niet blijkt dat er een pensioenvoorziening in eigen beheer bestond voor eiser. Ook het pensioenreglement bevestigt dat aanspraken pas ontstaan bij volledige financiering en dat ontslag op grond van artikel 40 Fw Pro geen recht geeft op gedeeltelijke opbouw.
Eiser kon zijn stelplicht en bewijslast niet voldoende onderbouwen, onder meer doordat hij geen aanvullende informatie heeft aangeleverd. De rechtbank oordeelt dat eiser geen aanspraak kan maken op het vroegpensioen op grond van de garantieregeling en wijst de vordering tot verificatie en erkenning in het faillissement af. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot verificatie van een preferente aanspraak op vroegpensioen wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.