Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
2.[gedaagde 2] ,
1.De procedure
2.Het bevoegdheidsincident en de beoordeling daarvan
3.De beslissing
woensdag 30 oktober 2024om 10:00 uur,
Rechtbank Gelderland
In deze civiele zaak vordert eiseres het verwijderen en snoeien van een laurierstruik, waarbij de waarde van de vordering onbepaald is. Gedaagde betwist de bevoegdheid van de kantonrechter omdat de vordering mogelijk een hogere waarde vertegenwoordigt dan de grens van €25.000 voor kantonzaken.
De kantonrechter beoordeelt de aangevoerde argumenten en constateert dat eiseres onvoldoende duidelijke aanwijzingen heeft gesteld dat de vordering niet hoger is dan €25.000. De kantonrechter verklaart zich daarom onbevoegd en verwijst de zaak door naar een kamer voor andere zaken dan kantonzaken van de rechtbank.
Partijen worden erop gewezen dat zij in de vervolgprocedure advocaatplicht hebben en dat een verhoogd griffierecht van €320 verschuldigd is. De proceskosten van het incident worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak door naar een kamer voor andere zaken dan kantonzaken.