Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de mondelinge behandeling van 9 september 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitnota van [eiser] .
Rechtbank Gelderland
De huurder huurt sinds april 2022 een zolderetage van de woning van de verhuurder. De kale huur werd door de verhuurder verhoogd en geïndexeerd tot €1.244,06 per maand. De huurder verlaagde zonder tussenkomst van de huurcommissie of rechter de huurprijs op eigen initiatief, stellende dat de woonruimte onzelfstandig is en de huurprijs daardoor lager moet zijn. Hierdoor ontstond een huurachterstand vanaf maart 2025.
De verhuurder vordert ontruiming van de woonruimte, betaling van de huurachterstand, incassokosten, wettelijke rente en proceskosten. De huurder voert verweer dat de huurprijs onterecht is verhoogd en dat zij het teveel betaalde bedrag mag verrekenen met de lopende huur.
De kantonrechter oordeelt dat de huurder tekortschiet in haar verplichtingen omdat de overeengekomen huurprijs geldt totdat een bevoegde instantie anders bepaalt. Het eigenhandig verlagen van de huur zonder juridische grondslag leidt tot een tekortkoming die ernstig genoeg is voor ontruiming. De ontruiming wordt toegestaan met een termijn van acht weken om alternatieve woonruimte te vinden. Tevens worden de huurachterstand, wettelijke rente, incassokosten en proceskosten toegewezen aan de verhuurder.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen acht weken en betaling van de huurachterstand, incassokosten, wettelijke rente en proceskosten.