Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.[gedaagde hoofdzaak 1] ,
[gedaagde hoofdzaak 2],
3.
[gedaagde hoofdzaak 3],
1.De procedure
- de incidentele conclusie inhoudende exceptie van onbevoegdheid
Rechtbank Gelderland
In deze civiele procedure, gevoerd door de curator in faillissementen van meerdere bedrijven tegen diverse gedaagden, vordert de curator onder meer schadevergoeding en vernietiging van onttrekkingen. De gedaagde partij verzoekt de rechtbank zich onbevoegd te verklaren vanwege de aard en omvang van de vorderingen.
De rechtbank oordeelt dat vorderingen die betrekking hebben op een arbeidsovereenkomst en een collectieve arbeidsovereenkomst onder de bevoegdheid van de kantonrechter vallen op grond van artikel 93 sub c Rv Pro. Andere vorderingen, waaronder schadevergoeding en vernietiging van betalingen, blijven onder de bevoegdheid van de rechtbank. De rechtbank verwijst daarom de vorderingen betreffende loon, vakantiedagen en incassokosten naar de kantonrechter van de locatie Apeldoorn.
De curator wordt veroordeeld in de proceskosten van het incident, en de zaak wordt voor de overige vorderingen op de rol gezet voor een conclusie van antwoord. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich deels onbevoegd en verwijst arbeidsovereenkomstvorderingen naar de kantonrechter.