Uitspraak
1.De procedure
- de akte overlegging producties van werkgeefster
Rechtbank Gelderland
In deze zaak heeft de kantonrechter op 24 december 2025 uitspraak gedaan in een kort geding tussen een werknemer en zijn werkgever, CE REPAIR SERVICES DORDRECHT B.V. De werknemer vorderde betaling van zijn loon, stellende dat er sprake was van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, terwijl de werkgever betoogde dat het een overeenkomst voor bepaalde tijd betrof die eindigde op 31 maart 2026. De werknemer was in dienst getreden op 5 februari 2024 en zijn contract was op 8 augustus 2024 verlengd. De werkgever had op 4 maart 2025 mondeling een verlenging van het contract besproken, maar de schriftelijke bevestiging was pas op 4 mei 2025 opgesteld. De kantonrechter oordeelde dat er voorshands sprake was van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, eindigend op 31 maart 2026, en wees de vorderingen van de werknemer af. De werknemer werd ook veroordeeld in de proceskosten van de werkgever, die op € 678,00 werden begroot.