voor de totale waarde van € 1.047.000, waarbij:
o de vrouw wordt ontslagen uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypothecaire geldleningen;
o de man de helft van de overwaarde van de woning van € 851.000
(€ 1.047.000 - € 196.000) op het moment van de notariële overdracht, aan de
vrouw zal vergoeden, te weten een bedrag van € 425.500;
o de notariële levering van het eigenaarsdeel van de vrouw aan de man
uiterlijk binnen zes maanden na de datum van inschrijving van de
echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand
plaatsvindt;
o de weilanden worden verkocht en de verkoopopbrengst daarvan op de
derdenrekening in depot bij de notaris blijven ten behoeve van de
vergoeding aan de vrouw voor de levering van haar eigenaarsdeel in de
echtelijke woning;
o de man de woonlasten van de echtelijke woning voor zijn rekening neemt;
inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke
stand de echtelijke woning geleverd te krijgen onder voornoemde voorwaarden,
brengt hij de vrouw daarvan onmiddellijk op de hoogte en geldt het volgende:
o de woning, perceel grond, de kelder en de weilanden dienen te worden
verkocht aan een derde, waarbij de verkoopopbrengst verminderd met de
restant hypothecaire geldleningen bij de ING Bank met leningnummers [nummer 1]
en [nummer 2] tussen partijen bij helfte dient te worden verdeeld;
o de man dient, binnen 14 dagen nadat bekend is dat het de man niet lukt om
de woning geleverd te krijgen en hij de vrouw daarvan bericht heeft gedaan,
aan [de makelaar] onvoorwaardelijk opdracht
te geven om als makelaar de hiervoor genoemde onroerende zaken te
taxeren, de vraagprijs, de laatprijs en bodemprijs vast te stellen en deze
onroerende zaken in de verkoop te nemen en te houden;
o wanneer de man niet binnen 14 dagen nadat bekend is dat het de man niet
lukt om de woning geleverd te krijgen en hij de vrouw daarvan bericht heeft
gedaan, een opdracht tot verkoop aan [de makelaar]
verstrekt, treedt deze beschikking in de plaats van de
noodzakelijke toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van de
man tot het in de verkoop geven en het in de verkoop houden van de hiervoor genoemde onroerende zaken bij [de makelaar]
, conform de door die makelaar vast te stellen vraagprijs en
bodemprijs;
o (…)
o de man dient de tot de huwelijksgoederengemeenschap van partijen
behorende onroerende zaken te ontruimen, ontruimd te houden en te verlaten
en deze leeg en schoon op te leveren, onder overhandiging van de sleutels
aan [de makelaar] en/of de betrokken notaris
uiterlijk 14 dagen na het verstrekken van de opdracht tot verkoop aan [de makelaar]
, dan wel uiterlijk binnen 14 dagen
nadat deze beschikking in de plaats is getreden van de noodzakelijke
toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van de man tot het in
de verkoop geven van de hiervoor genoemde onroerende zaken aan [de makelaar]
.”