Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van
op het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen
[eiseres 1] en [eiseres 2] , uit [plaats 1] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oost Gelre
Samenvatting
Procesverloop
Ten aanzien van de omgevingsvergunning fase 2 zal de voorzieningenrechter alleen het punt van de welstand bespreken. Hoewel eiseres tegen deze omgevingsvergunning ook het punt van geluid heeft aangevoerd, zal de voorzieningenrechter deze grond alleen bij de omgevingsvergunning fase 1 bespreken. Daartoe ziet hij aanleiding omdat deze beroepsgrond ziet op de afwijking van het bestemmingsplan en in fase 1 die afwijking bij vergunning al is toegestaan, hetgeen ook is overwogen in de omgevingsvergunning fase 2.
Dit betoog slaagt niet.
De omgevingsvergunning fase 2
In artikel 22.28 van het Omgevingsplan staat:
“1. Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit en het in stand houden en gebruiken van het te bouwen bouwwerk, wordt de omgevingsvergunning alleen verleend als:
a. […]
b. het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk, met uitzondering van een tijdelijk bouwwerk dat geen seizoensgebonden bouwwerk is, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, niet in strijd is met redelijke eisen van welstand, beoordeeld volgens de criteria van de welstandsnota, bedoeld in artikel 12a, eerste lid, van de Woningwet, zoals dat artikel luidde voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet; en
c. […]
2. Het eerste lid, aanhef en onder b, is niet van toepassing als:
a. het gaat om een in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet, aangewezen gebied of bouwwerk waarvoor geen redelijke eisen van welstand van toepassing zijn; of
b. het bevoegd gezag van oordeel is dat de omgevingsvergunning in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder b, toch moet worden verleend.”