Verzoekers dienden een wrakingsverzoek in tegen drie rechters van de rechtbank Gelderland, stellende dat de rechtbank vooringenomen zou zijn vanwege de afwijzing van een verzoek tot verstrekking van een volledige vertaling van een onderzoeksdossier. Zij meenden dat hierdoor het recht op een eerlijk proces was geschonden.
De wrakingskamer heeft de procedure behandeld op 5 en 6 februari 2025, waarbij verzoekers hun gronden mondeling en schriftelijk hebben toegelicht. De rechters hebben verweer gevoerd en tevens een wrakingsverbod gevraagd voor twee van de verzoekers.
Na beraad heeft de wrakingskamer geoordeeld dat de motivering van de procesbeslissingen niet zo onbegrijpelijk is dat deze duidt op vooringenomenheid. Er is geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid. Daarnaast is geconstateerd dat sommige wrakingsverzoeken herhaald en mogelijk misbruikt werden, waarop een wrakingsverbod is uitgesproken.
De beslissing is mondeling uitgesproken op 6 februari 2025 en schriftelijk vastgesteld op 13 februari 2025. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.