Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.[gedaagde 1]
2.
[gedaagde 2],
3.
[gedaagde 3],
1.De procedure
- de antwoordakte van [gedaagden] van 15 januari 2025.
2.De verdere beoordeling
€ 208.456,00. Voor [gedaagde 3] komt dit neer op een totaalbedrag van € 252.702,50. In het tussenvonnis is reeds geoordeeld dat ook [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hoofdelijk zullen worden veroordeeld tot betaling van die bedragen wegens gehoudenheid tot schadevergoeding uit onrechtmatige daad. De daarover gevorderde wettelijke rente is als niet afzonderlijk betwist eveneens toewijsbaar.