Uitspraak
1.De procedure
- het definitief rapport bevindingen deskundige ontvangen op 23 januari 2025
- de e-mail van [eiser] van 18 februari 2025.
2.De verdere beoordeling
(…) Beoordeling op aantoonbare lichamelijke functiestoornis
Rechtbank Gelderland
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een machtiging tot vergoeding van een lower body lift/abdominoplastiek, welke door VGZ is afgewezen. De kantonrechter benoemde een deskundige die een rapport opstelde waarin werd geconcludeerd dat bij eiser geen sprake is van een verminking in de zin van PRS 3 en geen aantoonbare lichamelijke functiestoornis aanwezig is. De deskundige stelde vast dat de bewegingsbeperking niet ernstig genoeg was en dat de criteria uit de Werkwijzer beoordeling behandelingen van plastisch chirurgische aard 2021 niet werden gehaald.
De kantonrechter nam het deskundigenrapport over en oordeelde dat de aanvraag niet navolgbaar was en dat VGZ de afwijzing terecht heeft gedaan. Hierdoor heeft eiser geen recht op vergoeding van de kosten voor de behandeling. Tevens werd eiser veroordeeld tot betaling van de proceskosten, waaronder de kosten van de gemachtigde en nakosten, alsmede de wettelijke rente bij niet tijdige betaling.
De procedure kende een tussenvonnis waarin de deskundige werd benoemd en partijen gelegenheid kregen te reageren op het concept-rapport. Beide partijen zagen af van het nemen van een conclusie na deskundigenbericht. Het vonnis is op 19 maart 2025 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter E. Horsthuis.
Uitkomst: De rechtbank wijst de aanvraag tot vergoeding van de lower body lift af wegens het ontbreken van een aantoonbare lichamelijke functiestoornis.