ECLI:NL:RBGEL:2025:2265
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen handhavingsbesluit Natura 2000-activiteit
Verzoekster woont naast een pluimveehouderij die zonder nieuwe vergunning wijzigingen heeft doorgevoerd. Zij ervaart overlast en heeft het college van Gedeputeerde Staten gevraagd handhavend op te treden. Het college heeft het handhavingsverzoek afgewezen omdat de wijzigingen niet leiden tot een toename van stikstofdepositie en dus geen vergunningplicht bestaat.
Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter oordeelt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen bij onverwijlde spoed. Hoewel verzoekster haar gezondheid en die van haar dochter als belang aanvoert, is het beschermde belang in deze procedure de natuurwaarden van het Natura 2000-gebied.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het belang van de natuurwaarden niet zodanig spoedeisend is dat niet op de bezwaarprocedure kan worden gewacht. De bezwaarprocedure wordt binnenkort behandeld en een beslissing wordt medio april 2025 verwacht. Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.