Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van
[eiser] , uit [plaats] , eiser
de korpschef van politie, de korpschef
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
In augustus 2022 heeft eiser salarisstroken toegestuurd over de relevante periode van januari 2017 tot januari 2019. In het kader van het informele traject zijn deze salarisstroken beoordeeld. Op basis daarvan is een berekening gemaakt en daaruit is gebleken dat eiser aanspraak had kunnen maken op een salaris zoals bedoeld in artikel 3a van het Bbp. Na bestudering van de e-mail die eiser op 13 juli 2018 aan de afdeling recruitment had gestuurd, is de conclusie getrokken dat in 2018 niet dezelfde salarisstroken zijn gestuurd. Dat betekent dat de conclusie uit het bestreden besluit standhoudt dat niet vast was komen te staan dat er in 2018 een fout is gemaakt. Er ontbraken namelijk enkele salarisstroken, waardoor destijds zeer waarschijnlijk de conclusie is getrokken dat er geen sprake was van twee jaar aaneengesloten werkervaring. Dat is ook aan eiser meegedeeld bij e-mail van 11 mei 2023.
Conclusie en gevolgen
- verklaart beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt de korpschef op binnen zes weken een nieuw besluit op het bezwaar van eiser tegen het besluit van 14 december 2022 te nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat de korpschef aan eiser het griffierecht van € 184 vergoedt.