ECLI:NL:RBGEL:2025:2860
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot benoeming lid Raad van Toezicht van stichting wegens ontbreken wettelijke grondslag
De stichting DRU Industriepark verzocht de rechtbank Gelderland om benoeming van een lid van haar Raad van Toezicht op grond van artikel 2:299 BW Pro. Dit artikel ziet op de benoeming van bestuursleden bij een ledige plaats in het bestuur van een rechtspersoon.
De Raad van Toezicht van DRU was volledig komen te ontbreken sinds 6 november 2024, en de statuten voorzagen niet in een tijdelijke vervanging. DRU stelde dat analoge toepassing van artikel 2:299 BW Pro mogelijk is en dat de rechtbank haar verzoek moest honoreren, mede omdat de statuten een concrete grondslag boden en DRU als belanghebbende kwalificeert.
De rechtbank oordeelde dat artikel 2:299 BW Pro niet van toepassing is op de Raad van Toezicht, omdat dit artikel uitsluitend ziet op het bestuur en niet op toezichthoudende organen. De wet kent geen regeling voor benoeming van leden van een Raad van Toezicht door de rechtbank. Analoge toepassing is uitgesloten vanwege het gesloten systeem van verzoekschriftprocedures.
De rechtbank wees het verzoek af en stelde dat de statuten duidelijk onderscheiden tussen bestuur en Raad van Toezicht, die verschillende organen met eigen taken zijn. De afwijzing werd zonder mondelinge behandeling uitgesproken op 14 april 2025 door mr. S.A. van den Toorn.
Uitkomst: Het verzoek tot benoeming van een lid van de Raad van Toezicht van stichting DRU wordt afgewezen wegens ontbreken van een wettelijke grondslag.