Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
eisende partijen,
Rechtbank Gelderland
Eisers en gedaagde sloten in 2021 een aannemingsovereenkomst voor het monteren van vloertegels in de woning van eisers. Gedaagde is tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen en heeft de gebreken niet binnen gestelde termijnen hersteld. Eisers zetten hun nakomingsvordering om in een vordering tot vervangende schadevergoeding van € 32.416,24, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 15 april 2022.
Gedaagde heeft geen verweer gevoerd nadat zijn advocaat zich had onttrokken en geen nieuwe advocaat zich stelde. De rechtbank oordeelt dat de stellingen van eisers het gevorderde dragen en wijst de vorderingen toe. Daarnaast worden expertisekosten van € 1.143,00 en buitengerechtelijke incassokosten van € 1.099,16 toegewezen, waarbij de rechtbank het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten niet van toepassing acht op schadevergoeding en aansluiting zoekt bij wettelijke tarieven.
Gedaagde wordt tevens veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 2.429,84, vermeerderd met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken op 16 april 2025 door mr. G.F. van den Berg.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van schadevergoeding, rente, expertisekosten, buitengerechtelijke kosten en proceskosten aan eisers.