Uitspraak
1.De inhoud van de vordering
2.De procedure
- € 4.150,00 inzake aangeefster [aangever 2] ;
- € 2.990,00 inzake aangeefster [aangever 3] ;
- € 1.990,00 inzake aangeefster [aangever 4] .
3.De beoordeling van de vordering
€ 1.625,71 per betrokkene.
€ 2.490,00 per betrokkene.
€ 541,66 per betrokkene
€ 622,85 per betrokkene
(de rechtbank merkt op dat bij vonnis is vastgesteld dat dat moet zijn [benadeelde] )is op 30 juni 2021 een bedrag overgemaakt van € 4.910,00.
€ 2.457,50 per betrokkene.
€ 2.705,71 per betrokkene.
€ 138,48.
€ 11.030,66en zal hem veroordelen tot betaling van dit bedrag aan de Staat.
4.De toegepaste wettelijke bepalingen
5.De beslissing
€ 11.030,66;