Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , hierna te noemen [de minderjarige] .
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde een verzoek van ouders die hun samenleving beëindigden en gezamenlijk gezag hebben over hun minderjarige kind. Zij verzochten de bekrachtiging en aanhechting van zowel een ouderschapsplan als een convenant beëindiging samenleving.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 1:247a BW ouders die gezamenlijk gezag hebben over een minderjarige bij beëindiging van hun samenleving verplicht zijn een ouderschapsplan op te stellen. Dit ouderschapsplan kan op grond van artikel 815 Rv Pro worden bekrachtigd en aan een beschikking worden gehecht, hetgeen de rechtbank toewijst.
Het verzoek tot bekrachtiging van het convenant beëindiging samenleving werd echter afgewezen omdat artikel 819 Rv Pro, dat de wettelijke grondslag vormt voor opname van regelingen in een beschikking, alleen geldt voor (echt)scheidingszaken en niet voor ex-samenwoners. De rechtbank stelde vast dat de verdeling van gezamenlijke vermogensbestanddelen via de dagvaardingsprocedure moet verlopen.
De rechtbank besloot het ouderschapsplan als onderdeel van de beschikking te beschouwen en wees het verzoek tot bekrachtiging van het convenant af, waarbij de inhoud van het convenant wel bindend blijft tussen partijen.
Uitkomst: Het verzoek tot bekrachtiging van het convenant beëindiging samenleving wordt afgewezen, het verzoek tot bekrachtiging van het ouderschapsplan wordt toegewezen.