ECLI:NL:RBGEL:2025:4435
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.L.A. van der Veeken
- E.H.T. Rademaker
- W.H.S. Duinkerke
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in zaak seksueel misbruik stiefdochter militair
De rechtbank Gelderland behandelde een zaak tegen een verdachte die werd beschuldigd van seksueel misbruik van zijn minderjarige stiefdochter over een periode van 2005 tot 2019. De tenlastelegging omvatte diverse ontuchtige handelingen, waaronder het binnendringen van het lichaam van het slachtoffer en misbruik van een vertrouwenspositie.
Tijdens de zitting bleek dat de verdachte in de periode van 2005 tot 2015 als militair werkzaam was bij defensie en daarna als burgerambtenaar. De gepleegde feiten vielen grotendeels binnen de periode van zijn militaire dienstverband. Op grond van artikel 55 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie in samenhang met artikel 2 lid 1 van Pro de Wet militaire strafrechtspraak, is de militaire kamer van de rechtbank Gelderland bevoegd voor strafzaken tegen militairen.
Omdat de verdachte werd gedagvaard voor de gewone strafkamer van de rechtbank Gelderland, oordeelde de rechtbank dat zij niet bevoegd was om van het ten laste gelegde kennis te nemen. De rechtbank verklaarde zich daarom onbevoegd en kon geen inhoudelijke uitspraak doen over de tenlastelegging.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de zaak wegens exclusieve bevoegdheid van de militaire kamer.