ECLI:NL:RBGEL:2025:4794

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
14 mei 2025
Publicatiedatum
20 juni 2025
Zaaknummer
C/05/450345 / HA ZA 25-154
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
  • S.A. van der Toorn
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4 lid 1 Verordening (EU) Nr. 1215/2012Art. 4 Verordening (EG) Nr. 593/2008Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering tegen Bungalowpark Horsterland wegens contractuele verplichtingen

Eisers, woonachtig in Duitsland, vorderden een bedrag van €155.000 van Bungalowpark Horsterland B.V. wegens een geschil met een internationaal karakter. De rechtbank oordeelde dat zij rechtsmacht heeft op grond van Verordening (EU) Nr. 1215/2012 en dat Nederlands recht van toepassing is conform Verordening (EG) Nr. 593/2008.

Bungalowpark Horsterland verscheen niet in de procedure, waardoor verstek werd verleend. De rechtbank vond de vordering niet onrechtmatig of ongegrond en wees deze toe. Tevens werd Bungalowpark Horsterland veroordeeld tot betaling van proceskosten van €4.974,47, inclusief griffierecht, advocaatkosten en nakosten.

De wettelijke rente over het toegewezen bedrag wordt toegekend vanaf 1 juni 2024 tot de dag van volledige betaling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2025 door rechter S.A. van der Toorn.

Uitkomst: Bungalowpark Horsterland is veroordeeld tot betaling van €155.000 met wettelijke rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK Gelderland

Civiel recht
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: C/05/450345 / HA ZA 25-154
Vonnis van 14 mei 2025
in de zaak van

1.[eiser 1] ,

2.
[eiser 2],
beiden wonende te [woonplaats] , Duitsland,
eisende partijen,
hierna samen te noemen: [gedaagden] ,
advocaat: mr. D. van Alst te Nijmegen,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BUNGALOWPARK "HORSTERLAND" B.V.,
gevestigd te Ermelo en kantoorhoudende te Lathum,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Bungalowpark Horsterland,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- het tegen Bungalowpark Horsterland verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
[gedaagden] hebben gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
2.2.
[gedaagden] zijn gevestigd in Duitsland. Dat betekent dat de zaak een internationaal karakter draagt. Gelet hierop ligt allereerst de vraag voor of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft. Het geschil is een burgerlijke of handelszaak in de zin van artikel 1 lid 1 van Pro Verordening (EU) Nr. 1215/2012. De rechtsmacht moet dus aan de hand van deze verordening worden beoordeeld. Ingevolge artikel 4 lid 1 van Pro deze verordening moeten zij die woonplaats hebben op het grondgebied van een lidstaat, worden opgeroepen voor de gerechten van die lidstaat. Dit betekent dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft. Op grond van het bepaalde in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is deze rechtbank absoluut en relatief bevoegd.
2.3.
De rechtbank heeft, mede gelet op het bepaalde in artikel 4 van Pro Verordening (EG) Nr. 593/2008, geen aanleiding om te veronderstellen dat op de rechtsverhouding van partijen niet het Nederlands recht van toepassing is.
2.4.
De vordering komt de rechtbank niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
2.5.
Bungalowpark Horsterland is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagden] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
144,47
- griffierecht
2.723,00
- salaris advocaat
1.929,00
(1 punt × € 1.929,00)
- nakosten
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
4.974,47.
2.6.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
veroordeelt Bungalowpark Horsterland om aan [gedaagden] te betalen een bedrag van € 155.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over het toegewezen bedrag, met ingang van 1 juni 2024, tot de dag van volledige betaling,
3.2.
veroordeelt Bungalowpark Horsterland in de proceskosten van € 4.974,47, te betalen binnen veertien dagen na dagtekening van dit vonnis, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Bungalowpark Horsterland niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.A. van der Toorn en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2025.