Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Procedure
- een PJ-dubbelrapportage van psychiater P. Boksan en psycholoog M. Kemmink van 2 september 2021;
- een multidisciplinaire rapportage van Teylingereind van 26 juli 2022;
- het adviesrapport van de reclassering van 12 mei 2025, waarin aanvankelijk werd geadviseerd de terbeschikkingstelling met voorwaarden om te zetten in dwangverpleging;
- de adviesrapporten van de reclassering van 22 mei 2025, 17 juni 2025 en 18 juni 2025, waaruit blijkt dat betrokkene niet meer welkom is bij Trajectum, maar dat wel mogelijkheden worden gezien om de terbeschikkingstelling met voorwaarden voort te zetten;
- het e-mailbericht van de raadsman van 27 juni 2025, waaruit blijkt dat betrokkene op 3 juli 2025 geplaatst worden in FPA De Mare, (min of meer) bevestigd door de officier van justitie bij email van 30 juni 2025.
- betrokkene;
- zijn raadsman;
- de deskundige [reclasseringsmedewerker 1] , reclasseringswerker;
- de deskundige [reclasseringsmedewerker 2] , reclasseringswerker;
- de deskundige S. Castilla Carrasco, GZ-psycholoog en regiebehandelaar (alleen op 20 juni);
- de deskundige J. Meijerink, hoofd plaatsing van DIZ van MJ&V (alleen op 20 juni);
- de officier van justitie, mr. G. Steeghs resp. mr. B.P.R. van Andel.
2.De standpunten
3.De beoordeling
Er is bij verdachte sprake van beperkingen voortvloeiend uit de verstandelijke beperking. Zijn persoonlijkheid is hierdoor en door alle impactvolle gebeurtenissen in zijn leven, tot onvoldoende gezonde eigenheid en identiteit (identiteitsarm) gekomen. Door een sterk achterblijvende verwerkingssnelheid verloopt de informatieverwerking en -integratie vertraagd en ontbreekt het verdachte aan het vermogen om overzicht te krijgen over situaties en is er geen adequaat vermogen tot anticipatie en reflectie. Verdachte is sterk contextafhankelijk en het ontbreekt hem aan adequate probleemoplossende vaardigheden, waardoor hij vatbaar is voor middelengebruik en internaliserende problematiek.”
Door deze stoornissen lukt het betrokkene niet adequaat om te gaan met opdrachten en verplichtingen, ook het nakomen van afspraken lukt hem moeizaam, hij verliest gemakkelijk het overzicht. Betrokkene is ook cognitief niet in staat de juiste inschattingen hieromtrent te maken. Hij mist de cognitieve flexibiliteit om zich snel aan wisselende omstandigheden aan te passen.”