De rechtbank Gelderland heeft op 15 juli 2025 besloten tot verlenging van de PIJ-maatregel voor een jeugdige die eerder veroordeeld is voor poging zware mishandeling en wederspannigheid. De maatregel was reeds verlengd in februari 2024 en bevestigd door het gerechtshof. De officier van justitie vorderde een verlenging van twaalf maanden, terwijl de raadsman primair afwijzing en subsidiair een verlenging van zes maanden verzocht.
Tijdens de zitting werden het advies van de JJI, de toelichting van de deskundige en de standpunten van partijen besproken. De JJI adviseerde verlenging vanwege de noodzaak van intensieve begeleiding en het ontbreken van een geschikte vervolgplek. De deskundige bevestigde dat betrokkene nog steeds wacht op opname bij gespecialiseerde instellingen met lange wachttijden.
De rechtbank oordeelde dat verlenging noodzakelijk is voor de veiligheid en ontwikkeling van betrokkene, ondanks positieve behandelstappen. De primaire stelling van de raadsman dat betrokkene tijdelijk bij zijn oom kan verblijven, werd afgewezen. Gezien het gebrek aan voortgang en de positieve ontwikkelingen vond de rechtbank een verlenging van negen maanden passend, zodat onbegeleid verlof kan worden opgestart en er tijd is om een vervolgplek te vinden.
De maatregel loopt na verlenging voorwaardelijk tot 31 maart 2026 en onvoorwaardelijk tot 31 maart 2027. De rechtbank benadrukte het belang van urgentie in het vinden van een vervolgplek en het behoud van motivatie van betrokkene.