Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiser 3](zaaknummer ARN 23/724), uit [plaats 1] , eisers
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe
[derde-partij]uit [plaats 2] (de derde-partij)
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland heeft op 30 januari 2025 uitspraak gedaan in de zaken ARN 23/720 en 23/724 betreffende beroepen tegen een omgevingsvergunning voor het bouwen van twee woningen in een voormalig recreatiepark in gemeente Overbetuwe. Eisers voerden aan dat het bouwplan strijdig is met het bestemmingsplan en dat de vergunning negatieve gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat, de welstand, de nutsvoorzieningen, archeologie en natuur.
De rechtbank oordeelt dat het college bevoegd was om af te wijken van het bestemmingsplan op grond van de Beleidsregel planologische afwijkingsmogelijkheden. De zone bijbehorende bouwwerken moet worden bepaald aan de hand van de feitelijke locatie van het hoofdgebouw volgens het bestemmingsplan. De afwijking door het dakoverstek leidt niet tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat. De bezwaren over nutsvoorzieningen en parkeren zijn niet relevant voor de afwijking.
Ten aanzien van de welstand concludeert de rechtbank dat het college zich terecht baseerde op het advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit, die een moderne, duurzame uitstraling passend acht binnen het beeldkwaliteitsplan. De bezwaren over het Bouwbesluit en archeologie worden niet gegrond verklaard. Ook is geen sprake van een aanhaakplicht voor de Wet natuurbescherming. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het bouwen van twee woningen wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.