Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.de vennootschap naar het recht van de [vestigingsplaats] [gedaagde 1] ,
2. de vennootschap naar het recht van [vestigingsplaats]
[gedaagde 2],
Rechtbank Gelderland
Eiser is slachtoffer geworden van een variant van boilerroomfraude waarbij bijna één miljoen euro is overgemaakt aan crypto-exchanges. De cryptovaluta zijn via verschillende blockchainadressen weggesluisd en uiteindelijk terechtgekomen bij twee buitenlandse instant-exchanges, gedaagde 1 en gedaagde 2.
Eiser vordert dat deze partijen identificerende gegevens verstrekken over de betreffende transacties. De rechtbank oordeelt dat zij rechtsmacht heeft op grond van artikel 6 sub e Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering en dat Nederlands recht van toepassing is. Omdat de gedaagden niet verschenen zijn, wordt verstek verleend.
De rechtbank beveelt gedaagde 1 en gedaagde 2 om binnen zeven dagen na betekening de gevraagde gegevens te verstrekken en legt een dwangsom op bij niet-naleving. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is gewezen door mr. D. Vergunst.
Uitkomst: De rechtbank beveelt twee buitenlandse cryptobedrijven tot verstrekking van identificerende gegevens over verdachte transacties en legt een dwangsom op bij niet-naleving.