ECLI:NL:RBGEL:2025:8095
Rechtbank Gelderland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Internationale civiele procedure over onrechtmatige daad en buitengerechtelijke incassokosten
In deze civiele procedure vordert eiser schadevergoeding van gedaagde wegens een onrechtmatige daad. Gedaagde woont in Hongarije, waardoor het geschil een internationaal karakter heeft. De rechtbank stelt vast dat zij rechtsmacht heeft op grond van Verordening (EU) Nr. 1215/2012 en dat Nederlands recht van toepassing is volgens Verordening (EG) Nr. 593/2008.
Eiser vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten, maar het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten is niet van toepassing op schadevergoedingsvorderingen. De rechtbank beoordeelt de incassokosten aan de hand van het Rapport Voorwerk 2 en BGK-Integraal en wijst een bedrag van € 1.298,21 toe.
De gevorderde volledige proceskostenveroordeling wijst de rechtbank af wegens onvoldoende onderbouwing, maar veroordeelt gedaagde wel tot betaling van forfaitaire proceskosten van € 2.913,35. Daarnaast veroordeelt de rechtbank gedaagde tot betaling van de hoofdsom van € 52.321,49 en de wettelijke rente vanaf 29 februari 2024. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en in verstek gewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 52.321,49 schadevergoeding, € 1.298,21 incassokosten en proceskosten van € 2.913,35.