Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
mr. M. Cox-Weber als griffier en in het openbaar uitgesproken op 13 januari 2025.
Rechtbank Gelderland
In deze zaak verzocht de vrouw om herstel van een beschikking waarin een bruto bedrag aan partneralimentatie was vastgesteld. Zij stelde dat de alimentatie niet aftrekbaar is zolang partijen nog op hetzelfde adres staan ingeschreven en dus niet duurzaam gescheiden leven. De man betwistte dit en stelde dat de alimentatie wel aftrekbaar is omdat partijen feitelijk gescheiden wonen en geen gezamenlijke huishouding voeren.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek tot herstel niet kon worden ingewilligd omdat het niet om een kennelijke fout ging die zich voor eenvoudig herstel leent. De kern van het geschil is de uitleg van de term 'duurzaam gescheiden' zoals gehanteerd door de Belastingdienst, wat een juridische interpretatie betreft en geen reken- of schrijffout.
De rechtbank verduidelijkte dat op grond van het arrest van de Hoge Raad uit 1960 de feitelijke situatie bepalend is voor duurzaam gescheiden leven, waarbij niet de formele inschrijving maar het feitelijk verbroken zijn van de samenleving en de wil tot duurzame gescheidenheid doorslaggevend zijn. Aangezien de man elders woont en partijen hun samenleving feitelijk hebben verbroken, is aan deze voorwaarden voldaan.
Daarom is de partneralimentatie in deze situatie aftrekbaar voor de vrouw en belastbaar voor de man. Het verzoek tot herstel van de beschikking wordt afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot herstel van de beschikking inzake partneralimentatie wordt afgewezen omdat geen kennelijke fout is vastgesteld.