Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
- het tussenvonnis van 17 december 2025;
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde een civiele bodemzaak waarin eiser betaling vorderde van vervallen termijnen, toekomstige termijnen en buitengerechtelijke incassokosten op grond van een licentiepartnerovereenkomst.
De rechtbank oordeelde dat de vorderingen tezamen geen hogere waarde vertegenwoordigen dan € 25.000, waardoor de zaak niet naar de kantonrechter werd verwezen. De rechtbank verklaarde voor recht dat gedaagde maandelijks een vergoeding van € 497,00 exclusief btw verschuldigd is zolang de overeenkomst voortduurt.
De rechtbank wees de hoofdsom en toekomstige termijnen toe, evenals een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van € 974,24 exclusief btw, omdat eiser niet had gesteld vrijgesteld te zijn van btw. De gevorderde btw op incassokosten werd afgewezen. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, incassokosten, rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van vervallen en toekomstige termijnen, incassokosten exclusief btw en proceskosten.