ECLI:NL:RBGEL:2026:1283

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
18 februari 2026
Publicatiedatum
23 februari 2026
Zaaknummer
11746539 CV EXPL 25-1659
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:228 BWArt. 6:230 BWArt. 6:74 BWArt. 6:96 BWArt. 3:52 lid 1 sub c BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging koopovereenkomst paard wegens wederzijdse dwaling over gezondheid

In april 2022 sloot Agri een koopovereenkomst met eiser voor het paard 'New Dream' voor €11.000. Later verkocht eiser het paard aan een derde, die in augustus 2024 een medische aandoening vaststelde: chronisch hoesten door een eerdere cornage-operatie. De derde stelde eiser aansprakelijk, waarna eiser Agri aansprakelijk stelde wegens het niet melden van deze operatie.

Eiser vorderde vernietiging of wijziging van de koopovereenkomst op grond van dwaling, met terugbetaling van de koopsom. Agri voerde verweer en betwistte dat zij op de hoogte was van de operatie. De rechtbank oordeelde dat sprake is van wederzijdse dwaling, omdat beide partijen uitgingen van een onjuiste voorstelling van zaken en Agri niet wist van de operatie.

De rechtbank wijzigde de koopovereenkomst door het aankoopbedrag te verminderen met €10.000, gelijk aan het bedrag dat eiser aan de derde had terugbetaald. Agri werd veroordeeld tot betaling van dit bedrag, wettelijke rente vanaf het vonnis, buitengerechtelijke incassokosten van €1.058,75 en proceskosten van €1.413,04. De vordering was niet verjaard omdat de dwaling pas in augustus 2024 werd ontdekt.

Uitkomst: De koopovereenkomst wordt gewijzigd wegens wederzijdse dwaling en Agri moet €10.000 plus rente en kosten aan eiser betalen.

Uitspraak

RECHTBANKGELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zutphen
Zaaknummer: 11746539 \ CV EXPL 25-1659
Vonnis van 18 februari 2026
in de zaak van
[naam eiser],
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: De Rechtsagent B.V.,
tegen
ROVE AGRI B.V.,
te Berghem,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Agri,
procederend bij [naam] .

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 30 juli 2025
- de akte wijziging van eis van [eiser]
- de mondelinge behandeling van 22 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Tussen partijen is in april 2022 een koopovereenkomst tot stand gekomen waarbij Agri het paard genaamd ‘New Dream’ (hierna: New Dream) aan [eiser] heeft verkocht tegen betaling van € 11.000,00.
2.2.
In mei 2023 heeft [eiser] New Dream en ook ruiterspullen voor in totaal € 14.000,00 verkocht aan een nieuwe koper, [naam] (hierna: [derde] ).
2.3.
New Dream is op 5 augustus 2024 vanwege hoestklachten onderzocht door de Universiteitskliniek voor Paarden in Utrecht in opdracht van [derde] . Het medische rapport beschrijft dat New Dream last heeft van chronisch hoesten als gevolg van verslikken op basis van een eerder uitgevoerde cornage-operatie.
2.4.
[derde] heeft [eiser] op 19 augustus 2024 aansprakelijk gesteld in verband met de gezondheidstoestand van New Dream. Ter afwikkeling van de aansprakelijkheid zijn zij overeengekomen dat [eiser] € 10.000,00 terugbetaalt aan [derde] en dat [derde] New Dream behoudt.
2.5.
Bij brief van 11 februari 2025 heeft [eiser] vervolgens op haar beurt Agri aansprakelijk gesteld voor het niet benoemen van de cornage-operatie en het leveren van een non-conform paard. Agri is hierbij gesommeerd tot terugbetaling van de gemaakte kosten.

3.Het geschil

3.1.
[eiser] vordert – na wijziging van eis – bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
Primair:
i. voor recht te verklaren dat [eiser] terecht een beroep doet op dwaling ingevolge artikel 6:228 lid 1 sub b van Pro het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW),
ii. de gevolgen van de koopovereenkomst te wijzigen zodat het nadeel voor [eiser] wordt opgeheven op grond van artikel 6:230 BW Pro,
iii. Agri te veroordelen om te betalen een bedrag van € 11.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van betaling van de koopsom door [eiser] tot de dag der algehele voldoening,
Subsidiair:
iv. voor recht te verklaren dat Agri toerekenbaar tekortgeschoten is in de nakoming van de koopovereenkomst ingevolge artikel 6:74 BW Pro,
v. Agri te veroordelen om te betalen een bedrag van € 11.000,00 aan schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van betaling van de koopsom door [eiser] tot de dag der algehele voldoening,
In alle gevallen:
vi. Agri te veroordelen om te betalen een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten.
3.2.
[eiser] legt aan de primaire vordering ten grondslag dat Agri essentiële informatie, te weten de cornage-operatie, over New Dream ten tijde van de koop heeft achtergehouden. Als Agri had meegedeeld dat New Dream een cornage-operatie had gehad, zou de overeenkomst nooit zijn gesloten. De overeenkomst kan daarom op grond van dwaling worden vernietigd. Aangezien New Dream niet meer teruggegeven kan worden aan Agri, dient de overeenkomst niet te worden vernietigd, maar zodanig te worden gewijzigd dat het geleden nadeel wordt opgeheven en Agri verplicht wordt om € 11.000,00 terug te betalen.
Subsidiair is het standpunt dat New Dream niet aan de overeenkomst beantwoordt. Agri is daardoor tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst. Gelet hierop moet Agri de geleden schade van € 11.000,00 vergoeden.
3.3.
Agri voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] .
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Agri moet € 10.000,00 voor New Dream (terug)betalen aan [eiser] . Dat komt omdat beide partijen bij het sluiten van de overeenkomst uit zijn gegaan van een verkeerde veronderstelling. Het risico daarvan komt voor rekening van Agri.
4.2.
Voor een geslaagd beroep op dwaling [1] is onder meer nodig dat [eiser] bij het aangaan van de koopovereenkomst een onjuiste voorstelling van zaken had en dat de koopovereenkomst bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten. Aan deze vereisten is voldaan. [eiser] heeft met rapporten [2] onderbouwd dat New Dream in het verleden een cornage-operatie heeft gehad waardoor hij chronische klachten heeft die hem ongeschikt maken als rij- en springpaard. Deze stelling is door Agri onvoldoende gemotiveerd betwist, zodat die eerdere operatie en de daarmee gepaard gaande klachten vast staan. Ook staat vast dat Agri die operatie rondom het sluiten van de overeenkomst niet heeft gemeld. [eiser] is dus bij het aangaan van de koopovereenkomst uitgegaan van een onjuiste voorstelling van zaken. Dat [eiser] de koopovereenkomst niet had gesloten indien zij had geweten dat New Dream een cornage-operatie had ondergaan, wordt door Agri erkend. [naam] van Agri heeft tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat hijzelf ook geen paard met een cornage verleden zou kopen.
4.3.
Voor een geslaagd beroep op dwaling is ook vereist dat sprake is van één van de drie dwalingsgronden zoals genoemd in artikel 6:228 lid 1 BW Pro. Door [eiser] is gesteld dat sprake is van de dwalingsgrond zoals bedoeld in lid 1 sub b BW; het verzwijgen van informatie. [eiser] wordt hierin niet gevolgd. Voor deze dwalingsgrond is het noodzakelijk dat Agri wist dat New Dream een cornage-operatie had ondergaan en dit feit heeft verzwegen. [eiser] heeft onvoldoende omstandigheden gesteld waaruit blijkt dat Agri vóór de koop op de hoogte was van het feit dat New Dream een operatie had ondergaan. Door [eiser] is slechts gesteld dat de operatie niet door haar is uitgevoerd, zodat het zeker is dat Agri opdracht heeft gegeven voor de operatie, maar dit heeft [eiser] verder niet onderbouwd. Dat de operatie per se door Agri moet zijn uitgevoerd blijkt ook niet uit het door [eiser] ingebrachte rapport. Daarin staat namelijk dat niet vast te stellen is wanneer de operatie precies is geweest. Bovendien is door [naam] van Agri ter zitting aangevoerd dat hij niets wist van een operatie en hij ook geen aanleiding had om te twijfelen over de gezondheid van New Dream. Geoordeeld wordt dan ook dat Agri de cornage-operatie van New Dream niet heeft verzwegen. De kantonrechter is van oordeel dat Agri, die New Dream van een eerdere eigenaar had gekocht in 2021, net zoals [eiser] is uitgegaan van een onjuiste voorstelling van zaken. Dat betekent dat in deze zaak sprake is van de dwalingsgrond zoals bedoeld in artikel 6:228 lid 1 sub c BW Pro; wederzijdse dwaling.
4.4.
[eiser] heeft haar vordering dus terecht gebaseerd op dwaling. Het gevolg daarvan is dat de koopovereenkomst vernietigbaar is. In plaats van vernietiging van de koopovereenkomst kan de rechter op verzoek van een partij ook de gevolgen van de koopovereenkomst wijzigen en het geleden nadeel opheffen. [3] [eiser] heeft hierop een beroep gedaan. De kantonrechter zal daarom de gevolgen van de koopovereenkomst wijzigen en bepalen dat het door [eiser] geleden nadeel wordt opgeheven. Dit nadeel is naar het oordeel van de kantonrechter, anders dan door [eiser] is gevorderd, gelijk aan de door [eiser] aan [derde] terugbetaalde koopsom van € 10.000,00. Als [eiser] niet had gedwaald, had zij ook niet € 10.000,00 aan [derde] hoeven te betalen. De koopovereenkomst tussen [eiser] en Agri wordt dan ook met dit bedrag verminderd. Agri moet dus een bedrag van € 10.000,00 betalen aan [eiser] .
4.5.
[naam] van Agri vindt dat [eiser] te laat is met haar vordering aangezien New Dream 3,5 jaar geleden is gekocht. Als Agri daarmee een beroep heeft gedaan op verjaring van de vordering, gaat dat verweer niet op. Een rechtsvordering tot vernietiging van een rechtshandeling verjaart in geval van dwaling drie jaren nadat de dwaling is ontdekt. [4] Dat geldt ook voor vorderingen tot wijzigingen van de overeenkomst. [5] De cornage-operatie is pas in augustus 2024 ontdekt. De vordering was dus nog niet verjaard.
4.6.
[eiser] vordert ook de wettelijke rente over de toegewezen hoofdsom van € 10.000,00 vanaf de dag dat zij de koopsom aan Agri heeft betaald. Die ingangsdatum wordt niet toegewezen. De wettelijke rente is verschuldigd vanaf de dag dat de rechter de overeenkomst heeft aangepast en dat is de datum van dit vonnis.
4.7.
[eiser] vordert ook vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten. [eiser] is niet btw-plichtig zodat zij de buitengerechtelijke incassokosten inclusief btw kan vorderen. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Geoordeeld wordt dat [eiser] voldoende heeft gesteld dat er buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Gelet op de toegewezen hoofdsom van € 10.000,00 wordt een bedrag van € 1.058,75 toegewezen.
4.8.
Agri is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
148,04
- griffierecht
257,00
- salaris gemachtigde
864,00
(2 punten × € 432,00)
- nakosten
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.413,04

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
verklaart voor recht dat [eiser] terecht een beroep heeft gedaan op dwaling,
5.2.
wijzigt de gevolgen van de koopovereenkomst in die zin dat het aankoopbedrag wordt verminderd met € 10.000,00,
5.3.
veroordeelt Agri om te betalen een bedrag van € 10.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf heden tot de dag der algehele voldoening,
5.4.
veroordeelt Agri om te betalen een bedrag van € 1.058,75 aan buitengerechtelijke incassokosten,
5.5.
veroordeelt Agri in de proceskosten van € 1.413,04, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Agri niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.6.
verklaart dit vonnis wat betreft de onder 5.2, 5.3, 5.4 en 5.5. genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,
5.7.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.E. Sijsma en in het openbaar uitgesproken op 18 februari 2026.
IL

Voetnoten

1.Artikel 6:228 BW Pro
2.Het medisch rapport van de Universiteit Utrecht van 5 augustus 2024 en het rapport van Krommerijnstreek van 19 augustus 2024.
3.artikel 6:230 BW Pro
4.artikel 3:52 lid 1 sub c BW Pro
5.HR 8 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ5068.