Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
Gisteren hebben we het er al heel kort over gehad. Ik zou je toch graag willen spreken over de invulling van Duits. Zou je vandaag of morgen hiervoor tijd hebben.”
(…)
(…)
Er heeft zomervakantie tussen gezeten.”
uw medewerker is voor ongeveer 10-12 uur per week inzetbaar in passende taken. Zij kan wel lessen bijwonen/meewerken maar de eindverantwoordelijkheid nog bij een collega laten. Verder zijn er diverse taken die passend zijn, zolang er voldoende regelmogelijkheden zijn om te schuiven/plannen in de week. Evalueer over twee weken extra tijdsinspanning bijvoorbeeld 12-14 uur per week, en elke twee weken een stap. Zolang de werkdruk binnen de uren passend is, moet dat lukken.” Verder schrijft ze: “
Prognose: gunstig voor eigen werk. Voor de duurzaamheid is het van belang goede werkafspraken over het heden en de toekomst te maken.” Tot slot schrijft ze: “
Extra interventie is op dit moment nodig. Begeleiding bij het maken van goede werkafspraken en einddoel re-integratie bespreken.”
De re-integratie in werk stagneert. Ondersteuning om deze stagnatie aan te pakken.” In de begeleidende e-mail staat dat sprake was van een foute verwijzing. De verwijzing naar mediation was een te zware interventie.
Er lijken in dit re-integratie traject zaken door elkaar te lopen, zowel medische- als niet medische knelpunten. Om vanuit de Wet Verbetering Poortwachter de re-integratie vlot te trekken is met betrokkene gesproken over de volgende activiteiten die kunnen bijdragen aan haar herstel.
De werkzaamheden voor de directie Economie liggen momenteel stil in afwachting van verdere oplossingsgerichte activiteiten tussen betrokkene en werkleiding. (…) De uitvoering van de interventie bij GIMD is gaande.” Het team detailhandel viel onder de, in dit stuk genoemde, directie economie.
(…) Gezamenlijk hebben uw cliënte en ik reeds vastgesteld dat re-integratie in het huidige onderwijsteam geen reële mogelijkheid meer is. De werkzaamheden die uw cliënte uitvoert in het project Build@Home zijn tijdelijk en deze komen binnenkort tot een einde. (…)
(…) U heeft aangegeven niet akkoord te gaan met een verbetertraject. (…) Op basis van de bevindingen van de twee leidinggevenden (…) zien wij aanleiding een verbetertraject in te zetten.
(…)
(…)
(…)
Op basis van de huidige medische situatie is mijn advies dat er voor de werknemer op dit moment geen inzet in eigen of aangepaste taken/spoor 2 mogelijk is in verband met ernstige privé omstandigheden die de belastbaarheid fors beperken.”
(…) Eerder besprak ik met u dat ROC Nijmegen (…) voornemens is een deskundigenoordeel bij het UWV te vragen. Dat willen we graag even vooruitschuiven. Graag willen wij eerst een interventie laten uitvoeren door een onafhankelijke externe arbeidsdeskundige genaamd [arbeidsdeskundige] . Zij zal onafhankelijk tussen ons en mevrouw [verzoeker] instaan en zal (middels een gesprek afzonderlijk met mevrouw [verzoeker] en een afzonderlijk gesprek met ROC Nijmegen) onderzoeken hoe aan de wettelijke re-integratieverplichtingen van werkgever en werknemer kan worden voldaan. (…)”
(…) verneem ik graag uiterlijk maandag 20 november 2023 van u of mevrouw [verzoeker] alsnog bereid is haar medewerking aan de interventie middels de externe en onafhankelijke arbeidsdeskundige te verlenen.
(…) Als gevolg van privé ontwikkelingen; de start van een intensieve medische behandeling in september en nog andere aanvullende behandelingen is de actuele belastbaarheid als marginaal te beschouwen.
De urenbeperking is tijdelijk vanwege de geleidelijke opbouw van de uren naar volledige werkhervatting. In verband met de lange arbeidsongeschiktheid wordt een opbouwschema geadviseerd, bijvoorbeeld 2 x 1-2 uur per week, 2 x 2 uur, 3 x 2 uur om de 2-3 weken op te bouwen en te evalueren.” Er worden beperkingen in het persoonlijk functioneren (tijdelijk) genoemd, zoals dat [verzoeker] als gevolg van een medische aandoening nog niet in staat is om langdurig snel te schakelen tussen meerdere informatiebronnen. De visie van de arts is dat de arbeidsbelastbaarheid zal verbeteren. Bij “Einddoel” staat “
Verwachting re-integratiemogelijkheden in eigen werk of ander werk is goed mogelijk. Arbeidsdeskundig onderzoek kan eventueel worden ingezet om de arbeidsmogelijkheden in kaart te brengen. (…) Er is geen bezwaar tegen een re-integratietraject spoor 2.”
De werkhervatting is (nog) niet gestart. De inzetbaarheid is conform het opgestelde Inzetbaarheidsprofiel van 19-12-2023 maar is nog niet getoetst in de praktijk. Mogelijk dat de belastbaarheid weer enigszins is toegenomen. Er is in ieder geval geen belemmering voor een spoor 2 traject.”
De medewerker krijgt begeleiding met een spoor 2 re-integratietraject. (…) Er is geen bezwaar tegen het oppakken van passend werk binnen of buiten de organisatie.” In het inzetbaarheidsprofiel van dezelfde datum staat dat [verzoeker] gemiddeld ongeveer vier uur per dag kan werken tot ongeveer 16 uur in de week in de opbouw. Ze schrijft “
(…) dit is een tijdelijke situatie. Waarbij misschien op termijn een evenwichtige verdeling van uren over de werkweer (iets kortere dagen) tot een betere balans kan leiden. Dit moet de tijd uitwijzen.
(…) De werknemer werkt nu niet, maar kan in de toekomst wel werken.
Spoor I is op dit moment niet ingezet, er is door de werkgever uitdrukkelijk gekozen voor rust en re-integratie in spoor II. Of en hoe de dienstbetrekking bij verder herstel zal worden ingevuld is nog niet bekend.” In het stuk dat door [verzoeker] is opgesteld en niet door ROC is ondertekend staat “
Theoretisch zijn er veel en uiteenlopende hervattingsmogelijkheden in spoor 1. De werkgever heeft de mogelijkheden in 1e spoor echter toenemend belemmerd. (…) Op 30-01-2024 heeft ‘Staat van Dienst’ mij gebeld en uitgenodigd voor een intake in het kader van een 2e spoor re-integratie met ROC Nijmegen als opdrachtgever. Op 08-02-2024 heeft de intake plaatsgevonden.”
De medewerker krijgt begeleiding met een spoor 2 re-integratie traject. De spoor 2 coach kan uitgaan van een stijgende lijn in het herstel met stapsgewijze toename van de belastbaarheid. De feitelijke inzetbaarheid is nu lastig te toetsen maar zal tussen 50 en 75% liggen.”
(…) De medewerker krijgt begeleiding met een spoor 2 re-integratie traject. Re-integreren in werk bij de eigen werkgever is niet realistisch in verband met de verstoorde arbeidsverhoudingen. Tot op heden is dat niet opgelost. Betrokkene is nog niet volledig hersteld van haar medische klachten en verder onderzoek/behandeling is nog gaande. Maar er is geen medisch bezwaar tegen de spoor 2 activiteiten zoals bijvoorbeeld solliciteren.
(…) De inspanningen zijn onvoldoende omdat er in de twee jaar ziekte niet voldoende is gedaan om het conflict tussen werkgever en werknemer op te lossen. Ook al wordt er, uit de verschillende zienswijzen die zijn aangeleverd in deze procedure, niet duidelijk wie nu daadwerkelijk de partij is die dit op welk moment heeft tegengehouden cq vertraagd. Het blijft de werkgever die moet zorgen dat op dit gebied door beide partijen de stappen worden gezet die nodig zijn om uit de impasse te komen. Er zijn (STECr) richtlijnen die ingezet moeten te worden bij conflictoplossing en die aangeven hoe dit moet worden aangepakt. Mij is ondanks de hoeveelheid stukken die ik tot mijn beschikking heb niet gebleken dat de werkgever op dat gebied kordaat heeft gehandeld naar aanleiding van de adviezen van de bedrijfsarts.
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
Kamerstukken II2013-2014, 33 818, nr. 3 (MvT), p. 34). De omstandigheid dat de werkgever niet helemaal vlekkeloos heeft gehandeld of de enkele omstandigheid dat de werkgever sommige dingen in het re-integratietraject anders had kunnen aanpakken, is niet genoeg is om tot het oordeel ernstig verwijtbaar handelen of nalaten te komen (J.H. Bennaars, R.D. Rietveld en E. Verhulp,
Ernstig verwijtbaar handelen of nalaten in de Wwz, 20 december 2017. Onderzoek uitgevoerd door het Hugo Sinzheimer Instituut van de Universiteit van Amsterdam, in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, directie arbeidsverhoudingen, pagina 18 en 19).
- extreem hoge werkdruk;
- arbitrair handelen ten aanzien van functie-indeling en beloningsstructuur;
- staken van salarisbetalingen/het niet betalen van salaris;
- onbegrijpelijke loonstroken;
- knelpunten in de samenwerking;
- afpakken van taken.
- plan van aanpak te laat opgesteld en eenzijdig gewijzigd;
- blijvend afpakken van taken (bijvoorbeeld mentoraat en Build@Home);
- bewust creëren van een onveilige werkomgeving (dreigement uit het team gezet te worden, druk zetten, kwetsende opmerkingen, ongefundeerde en onterechte beschuldigingen over communicatie en niet kunnen samenwerken);
- (weg)pesten;
- schenden hoor- en wederhoor in kader behandeling meldingen over [verzoeker] ;
- lekken door vertrouwenspersoon;
- twee exit voorstellen;
- geen eerstejaarsevaluatie;
- geen arbeidsdeskundig onderzoek (wel arbeidskundige [arbeidsdeskundige] );
- geen tijdige uitbetaling ziektewetuitkering;
- geen goede afhandeling klacht van [verzoeker] ;
- geen deskundigenoordeel aan UWV gevraagd;
- valsheid in geschrifte/misleiding UWV in het kader van de aanvraag WIA (onder meer eindevaluatie);
- onterecht weigeren verzoek om afgifte persoonsgegevens;
- opdracht aan Staat van Dienst te laat verstrekt.
Noodzakelijke wet verbetering poortwachter acties” en geeft aan dat ROC een arbeidsdeskundig onderzoek in moet zetten om de werkmogelijkheden voor de werknemer op basis van het advies van de bedrijfsarts in kaart te brengen. Zo kan ook de kans op terugkeer naar het eigen werk of ander werk in de eigen organisatie (spoor 1) bekeken worden of de overgang naar spoor 2. ROC heeft hier echter niet voortvarend op geacteerd. Pas op 6 november 2023 schrijft ROC over de inschakeling van een onafhankelijke externe arbeidsdeskundige ( [arbeidsdeskundige] ). Dit traject is vervolgens niet van de grond gekomen, doordat, zo begrijpt de kantonrechter, de zoon van [verzoeker] in september een ernstig ongeluk had gehad en een gesprek met [verzoeker] beperkt moest blijven tot 20-30 minuten. Dat laat echter onverlet dat ROC nog steeds bepaalde verantwoordelijkheden in het kader van de re-integratie had en ook een deskundigenoordeel bij het UWV had kunnen aanvragen. Ook is het zo dat de inzet van [arbeidsdeskundige] door ROC als interventie is aangekondigd en dat aan [verzoeker] is gecommuniceerd dat zij hieraan moest meewerken. Bij het eerste tegengeluid van de gemachtigde van [verzoeker] is dit pad echter alweer verlaten door ROC. Dit terwijl zij schrijft dat een deskundigenoordeel vooralsnog achterwege zou worden gelaten vanwege de inzet van [arbeidsdeskundige] . ROC hechtte dus groot belang aan deze maatregel.
het handelen, of eigenlijk het niet handelen, in de twee ziektejaren als onvoldoende te zien.” Ook het UWV is dus van oordeel dat ROC tijdens de ziekteperiode onvoldoende (voortvarend) heeft gehandeld.
Ten aanzien van de ziektewetuitkering voor het 0,2 FTE dienstverband heeft inderdaad per abuis geen betaling plaatsgevonden, hetgeen wel had moeten gebeuren. Ik heb intern verzocht dit alsnog in orde te maken.” Ook daaruit blijkt dat het in de macht van ROC lag om tot uitbetaling over te gaan. Dat er bij haar geen sprake was van opzet was kan zo zijn, maar de kantonrechter gaat er niet in mee dat ROC, zoals ze stelt, geen invloed had op de afhandeling van de ziektewetuitkering. Ook hier valt ROC een verwijt te maken.
Stel het plan van aanpak bij.” Gesteld noch gebleken is dat dat (regelmatig) is gebeurd.
De werkgever heeft geen eindevaluatie samen met mij (=werknemer) ingevuld. Daarom heb ik - aan de hand van het UWV sjabloon - zelf onderstaande eindevaluatie opgesteld.” ROC heeft haar versie getekend en gedateerd op 7 maart 2024. Daaruit blijkt niet dat die in samenwerking met [verzoeker] is opgesteld. Ook hiervan valt ROC een verwijt te maken.
Verwachting re-integratiemogelijkheden in eigen werk of ander werk is goed mogelijk.” In januari 2024 beschrijft de arts dat er geen belemmering is voor een tweede spoor traject. Ook in februari 2024 is er geen bezwaar tegen het oppakken van passend werk binnen of buiten de organisatie. [verzoeker] zou 16 uur in de week kunnen werken. Op 8 mei 2024 wordt dan opnieuw door de arts “verstoorde arbeidsverhoudingen” genoemd. Hieruit blijkt naar het oordeel van de kantonrechter dat, wanneer de re-integratie en gelijktijdig de verschillen van inzicht (over soort werk en waar dat werk zou moeten worden uitgevoerd) opgelost zouden zijn, de arbeidsovereenkomst van [verzoeker] niet opgezegd had hoeven worden vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid.
- een 100% dienstverband (een 80% dienstverband is ook inzichtelijk gemaakt);
- [verzoeker] blijft werkzaam bij ROC tot aan haar pensioen;
- doorgroei van [verzoeker] naar de functie van [functie] .
New Hairstyle) en Hoge Raad 08 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:857). De kantonrechter moet bij het bepalen van de billijke vergoeding rekening houden met alle omstandigheden van het geval en die vergoeding moet daarbij aansluiten. Het gaat er uiteindelijk om dat de werknemer wordt gecompenseerd voor het ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Ook met de gevolgen van het ontslag kan rekening worden gehouden, voor zover die gevolgen zijn toe te rekenen aan het verwijt dat de werkgever kan worden gemaakt. De billijke vergoeding heeft geen bestraffend doel, maar met de billijke vergoeding kan ook worden tegengegaan dat werkgevers ervoor kiezen een arbeidsovereenkomst op ernstig verwijtbare wijze te laten eindigen.