De Gemeente Amersfoort en Parker Amersfoort B.V. vorderen verwijzing van hun civiele procedure tegen GCV Holding B.V. naar de rechtbank Midden-Nederland en voeging met een lopende procedure tegen KRE. De zaak betreft de verkoop van een parkeergarage tegen een lagere prijs dan de marktwaarde, waarbij de Gemeente onrechtmatige staatssteun aan KRE en GCV stelt en deze wil terugvorderen.
De rechtbank oordeelt dat de zaken verknocht zijn omdat zij sterk verweven feiten en rechtsvragen bevatten, met name over de vraag of en in hoeverre onrechtmatige staatssteun is verleend en doorgegeven. Dit maakt verwijzing wenselijk om tegenstrijdige uitspraken te voorkomen en de procedures efficiënt te behandelen.
Het verweer van GCV dat de Gemeente de zaak direct bij de rechtbank Midden-Nederland had moeten aanbrengen wordt verworpen. De vordering tot voeging wordt niet toegewezen omdat voeging van rechtswege volgt na verwijzing, waardoor de Gemeente niet-ontvankelijk is in haar voegingsverzoek.
De rechtbank compenseert de proceskosten in het incident en verwijst de hoofdzaak naar de rechtbank Midden-Nederland, waar deze wordt gevoegd met de procedure tegen KRE. Het vonnis is gewezen door rechter E. Boerwinkel en op 25 februari 2026 openbaar uitgesproken.