Eiseres, een minderjarige met diverse ontwikkelingsstoornissen, ontving jeugdhulp via zorg in natura (ZIN) en een persoonsgebonden budget (pgb). Het college van Arnhem verlengde en wijzigde de toekenning, waarbij voorwaarden werden gesteld en het pgb-beheer aan de oudste broer werd toegewezen.
De rechtbank oordeelt dat de voorwaarden die het college aan de jeugdhulp verbond, zoals het op schrift stellen van doelen binnen een maand en het starten met systeemtherapie, onterecht zijn omdat zij eiseres afhankelijk maken van derden en niet noodzakelijk zijn voor passende ondersteuning. Tevens is vastgesteld dat eiseres het pgb niet zelf kan beheren en dat het college terecht bepaalde dat de oudste broer dit niet mag doen vanwege gebrek aan afstand en deskundigheid.
De rechtbank vernietigt de voorwaarden, handhaaft de toekenning van jeugdhulp zonder deze voorwaarden, en beveelt dat het college het griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoedt. Tevens adviseert de rechtbank partijen te overleggen over een geschikte pgb-beheerder die voldoende afstand en kennis heeft.