Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.[naam eiser in conventie / verweerder in reconventie 1] ,
2.
[naam eiser in conventie / verweerder in reconventie 2],
3.
[naam eiser in conventie / verweerder in reconventie 3],
4.
[naam eiser in conventie / verweerder in reconventie 4],
1.[naam gedaagde in conventie 1 / eiser in reconventie] ,
2.
[naam gedaagde in conventie 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
primair:te bepalen dat het in dezen te wijzen vonnis dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte en zo nodig in de plaats treedt van de handtekeningen en medewerking van [gedaagde in conventie 1] en [gedaagde in conventie 2] ,
subsidiair:te bepalen dat [gedaagde in conventie 1] en [gedaagde in conventie 2] een dwangsom van € 10.000,00 verbeuren voor elke dag dat zij of één van hen aan de veroordelingen geen gehoor geven/geeft;
4.De beoordeling
Woning
Inboedel
concretegoederen ontbreken of welke wensen niet correct zijn opgenomen in de lijst van [eisers in conventie] Desgevraagd heeft [gedaagde in conventie 1] tijdens de mondelinge behandeling slechts aangegeven dat de trouwringen van erflaatster en de grootouders ontbreken op de lijst. Deze stelling is niet betwist door [eisers in conventie] zodat de rechtbank van de juistheid ervan uitgaat. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank (zo veel als mogelijk) de inboedelgoederen verdelen conform de lijst van [eisers in conventie] , aangevuld met de trouwringen van erflaatster en de grootouders van partijen. Anders dan [eisers in conventie] vordert, zullen de inboedelgoederen in de lijst die geen van de partijen toebedeeld wenst te krijgen, toebedeeld worden aan [eisers in conventie] teneinde deze aan te kunnen bieden aan de kleinkinderen en de dan overblijvende inboedelgoederen af te kunnen voeren. In de vordering van [eisers in conventie] zouden deze goederen onverdeeld blijven, hetgeen gelet op de verhoudingen tussen partijen onwenselijk is. Het voorgaande resulteert in de volgende verdeling.
Aangifte IB en energielabel
Uitbetalen saldo ervenrekening en opzeggen van de ervenrekening
5.De beslissing
r.o. 4.9. en 4.10.,