ECLI:NL:RBGEL:2026:2050
Rechtbank Gelderland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering onverschuldigde betaling btw bij wederzijdse ruil supermarkt en appartementen
De zaak betreft een geschil tussen eiser en ATL over de vraag of eiser terecht btw heeft betaald over de koopsom van appartementen die onderdeel waren van een wederzijdse ruil met een supermarkt.
Eiser vorderde terugbetaling van €462.000,00 btw, stellende dat deze betaling onverschuldigd was omdat partijen een overeenkomst hadden gesloten waarin de waarde van de objecten inclusief belastingen was vastgesteld en er geen btw verschuldigd zou zijn. ATL betwistte dit en stelde dat eiser had ingestemd met een leveringsakte waarin de waarde exclusief btw was vermeld.
De rechtbank oordeelde dat de betaling van de btw niet onverschuldigd was omdat eiser uiteindelijk instemde met de aangepaste leveringsakte waarin de waarde exclusief btw was opgenomen. De feitelijke betaling vond plaats op basis van een rechtsgrond. De eerdere afspraken in de overeenkomst en addenda werden door de latere leveringsakte gewijzigd, waar eiser mee akkoord ging.
Daarom werd de vordering van eiser afgewezen en werd eiser veroordeeld tot betaling van de proceskosten en wettelijke rente. De uitspraak werd mondeling gedaan door rechter Olthof op 18 februari 2026.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eiser in de proceskosten en wettelijke rente.