Uitspraak
1.BUNGALOWPARK SNEEUWWITJE,
2.
[naam geopposeerde 2],
3.
[naam geopposeerde 3],
4.
[naam geopposeerde 4],
5.
[naam geopposeerde 5],
6.
[naam geopposeerde 6],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 16 december 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt en ter gelegenheid waarvan de kantonrechter de beslissing heeft aangehouden in afwachting van de beslissing van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in procedure met zaaknummer 200.343.644,
2.De feiten
2.4. Partijen hebben eerder een procedure gevoerd bij de kantonrechter te Apeldoorn (zaaknummer 10358437 \ CV EXPL 23-692). In die procedure heeft de kantonrechter bij vonnis van 20 maart 2024 voor recht verklaard dat aan het gehuurde enige gebreken kleven, namelijk ten aanzien van de ventilatiemogelijkheden in doucheruimte, toilet en keuken en ten aanzien van de hemelwaterafvoer. De vorderingen van [opposant] die strekten tot herstel van de gebreken en de vermindering van de huurprijs heeft de kantonrechter afgewezen omdat [opposant] de inspectie van het gehuurde en het herstel van de gebreken heeft verhinderd en het niet voltooien van de herstelwerkzaamheden niet aan Sneeuwwitje was te wijten.
“(…) Zoals het hof hiervoor heeft overwogen, heeft [opposant] onvoldoende onderbouwd dat alle punten die in productie 20 zijn opgesomd gebreken zijn die de verhuurder verplicht is te verhelpen. Sommige punten kwalificeren immers niet als gebrek (de beweerdelijke overlast, het enkel glas en verouderde sanitair); en voor andere punten geldt dat [opposant] onvoldoende onderbouwd heeft dat het om een gebrek gaat dat voor rekening van de verhuurder komt. Voor wat betreft de in het vonnis vastgestelde gebreken is het hof met de kantonrechter van oordeel dat de vordering tot het verhelpen van de gebreken niet kan worden toegewezen. Daartoe is het volgende van belang.