Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
- achter die [aangever] aan te rennen,
- die [aangever] te omsingelen,
- met een mes, althans een voorwerp, in de richting van die [aangever] te wijzen, en/of
- naar en/of in zijn jas en/of broekzak, althans zijn kleding te grijpen.
silence!” naar aangever en zijn vrienden geschreeuwd. Toen aangever en zijn vrienden om 21.53 uur op station Apeldoorn Osseveld uitstapten, stapten de twee jongens ook uit de trein en gingen naast hen lopen. Eerst zeiden ze niets, later begonnen ze in een mix van talen van alles te roepen. Toen er (nog) twee andere jongens op aangever en zijn vrienden af kwamen lopen vertrouwden aangever en zijn vrienden de situatie niet meer. Zij hebben zich opgesplitst en zijn weggerend. Toen aangever nog alleen over was, zag hij de vier jongens zijn kant op rennen. De jongens (uit de trein) renden achter hem en de twee andere jongens renden op hem af. Op een gegeven moment stond aangever met zijn rug tegen de muur en stonden de vier jongens in een halve kring om hem heen. Hij zag dat één van de jongens een mes in zijn hand had, waarmee hij richting aangever wees, voor zijn buik. Vervolgens liepen de vier jongens op aangever af en grepen naar zijn jas en broekzak. Aangever voelde dat er spullen uit zijn broekzak werden gehaald. De vier jongens zijn vervolgens weggerend. Aangever is ook weggerend en heeft meteen 112 gebeld. De portemonnee, fietssleutel en zonnebril van aangever zijn gestolen. [4]
vierjongens achter aangever zijn aangerend, hem hebben omsingeld en gefouilleerd. Getuige [getuige] heeft verklaard dat hij is gevlucht toen, behalve de twee mannen uit de trein, twee andere mannen die daar duidelijk bij hoorden naar hem toe renden. De rechtbank twijfelt er niet aan dat één van deze twee personen verdachte is geweest, nu duidelijk is dat verdachte met [medeverdachte 3] naar het station is gekomen en van nog een ander persoon op geen enkele wijze is gebleken. De rechtbank concludeert dan ook dat verdachte betrokken is geweest bij het incident.
3.De bewezenverklaring
of omstreeks29 mei 2025 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met
een of meeranderen
, althans alleen,een portemonnee, een fietssleutel en een zonnebril
en/of een vape, in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten deleaan [aangever]
, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)toebehoorde
(n
)heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan en vergezeld
en/of gevolgdvan geweld en
/ofbedreiging met geweld tegen die [aangever] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken
, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,door
- achter die [aangever] aan te rennen,
- die [aangever] te omsingelen,
- met
een mes, althanseen voorwerp, in de richting van die [aangever] te wijzen, en
/of- naar en/of in zijn jas en
/ofbroekzak
, althans zijn kledingte grijpen.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
- het uittreksel Justitiële Documentatie van 29 januari 2026 (het strafblad),
- het reclasseringsadvies van 19 februari 2026.
- Meldplicht bij de reclassering.
- Ambulante behandeling.
- Ambulante begeleiding.
- Verblijf in begeleid wonen of maatschappelijke opvang.
- Dagbesteding.
- Inzicht en begeleiding financiën.
- Contactverbod met de medeverdachten.
8.De beoordeling van de civiele vordering
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden;
- bepaalt dat
- stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat:
- verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt en zich houdt aan de aanwijzingen vanuit de reclassering. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. Voor de eerste afspraak meldt verdachte zich binnen vijf werkdagen nadat de proeftijd is ingegaan bij het Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering op het adres Van Pallandtstraat 11, 6814 GM in Arnhem of maakt hiertoe via telefoonnummer 0264430146 een afspraak;
- verdachte zich gedurende de proeftijd diagnostisch laat onderzoeken en behandelen door een forensische of cultureel sensitieve behandelinstelling of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op het uitvoeren van diagnostiek en behandeling van de daaruit gekomen risico’s en problematiek;
- verdachte zich gedurende de proeftijd ambulant laat begeleiden door de ambulant begeleider van Darna Care of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering dat nodig vindt;
- verdachte, indien de reclassering dat nodig vindt, verblijft in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Verdachte houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering opstelt;
- verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van een dagbesteding (vrijwilligerswerk, inburgeringscursus, school en/of werk) met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
- verdachte inzicht geeft in zijn financiën aan de ambulant begeleider en reclassering. Indien de ambulant begeleider en/of de reclassering het nodig acht werkt verdachte mee aan een traject vanuit de gemeente voor hulp en ondersteuning bij schulden en/of budgetbeheer;
- meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs ter inzage aanbiedt om de identiteit vast te stellen;
- meewerkt aan reclasseringstoezicht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;
een taakstraf van 60 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 30 dagen;