Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het standpunt van de grootouders en de vader
5.Het standpunt van de Raad
6.De beoordeling
primair gegeven omhaar in staat te stellen
zelf haar kind te kunnen verzorgen en op te voeden.Indien de kinderrechter pas na de bevalling op het verzoek beslist, zal er direct na de bevalling een gezagsvacuüm ontstaan. De kinderrechter acht dat niet in het belang van het ongeboren kind aangezien niet uit te sluiten is dat er tijdens of na de bevalling beslissingen over het kind genomen moeten worden. Zoals hiervoor is overwogen, acht de kinderrechter de moeder in staat om die beslissingen te nemen. Zo nodig kan zij zich daarbij gesteund voelen door een stabiel netwerk. De kinderrechter heeft niet de verwachting dat de situatie en het vermogen van de moeder om beslissingen te kunnen nemen na de bevalling anders zal zijn dan nu het geval is. De moeder is immers ook al binnen afzienbare tijd uitgerekend. De kinderrechter acht het in het belang van het ongeboren kind dat de moeder (en ook de vader) tijdens en direct na de bevalling beslissingen kan nemen. De kinderrechter zal daarom bepalen dat de meerderjarigverklaring ingaat op het tijdstip waarop het kind wordt geboren en wijst het verzoek van de moeder dan ook toe.
7.De beslissing
[naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] meerderjarig met ingang van het tijdstip dat zij is bevallen van haar kind;