ECLI:NL:RBGEL:2026:3105
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbinding huurovereenkomst na aantreffen drugs en contant geld in woning
De zaak betreft een geschil tussen Woningstichting Wageningen en een huurder over de ontbinding van een huurovereenkomst. In de woning van de huurder werd een handelshoeveelheid harddrugs en een groot geldbedrag aangetroffen, waarna de verhuurder ontbinding en ontruiming vorderde. De huurder erkende de aanwezigheid van de drugs, maar ontkende kennis en persoonlijk verwijt.
De kantonrechter oordeelde dat de aanwezigheid van drugs een tekortkoming vormt, maar dat de belangenafweging in dit geval het belang van de huurder bij voortzetting van de huurovereenkomst zwaarder laat wegen dan het belang van de verhuurder bij ontbinding. De huurder was op vakantie tijdens de inval, had haar broers en collega die inwoonden laten uitschrijven en er was geen bewijs dat zij wist van de drugshandel.
Ook werd geoordeeld dat het inwonen van derden geen ingebruikgeving van de woning aan derden inhoudt, omdat de huurder haar hoofdverblijf altijd in de woning heeft gehouden. Het verzoek om inzage in politie-informatie werd afgewezen wegens onvoldoende belang. De vordering tot ontbinding en ontruiming werd afgewezen en de verhuurder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming wordt afgewezen vanwege belangenafweging en gebrek aan bewijs van kennis of toezichtstekortkoming door de huurder.